Deel via:

Onnozele Kinderen

24 december 2009 - Wekelijks schrijft tv-maker Frans Tervoort over bijzondere plekken en tradities van volksreligiositeit. Deze week: Onnozele Kinderen in Valkenswaard.

Lekker eten
Mijn jongste broer was als kind al een culi. Dat woord bestond nog niet, maar hij was het toen al: een groot liefhebber van lekker eten. Vandaar dat het feest van Onnozele Kinderen op 28 december hem nog glashelder voor de geest staat. De jongste in huis mocht die dag bepalen wat er gegeten zou worden. Kip met gebakken aardappels en mayonaise, koos mijn broer destijds. Dat was toen een luxe, nu zou hij denk ik voor de foie gras gaan. In de vorige eeuw was het heel gebruikelijk in katholieke gezinnen, dat op het feest van Onnozele Kinderen de jongste het voor het zeggen had en vaak niet alleen over wat er gekookt moest worden. Gelukkig bleef die zeggenschap van de benjamin bij ons beperkt tot de warme maaltijd.

Kindermoord van Bethlehem
Onnozele kinderen, dat klinkt misschien vreemd, maar het woord onnozel betekent ook onwetend, onschuldig. Volgens het evangelie van Matheus gaf koning Herodes aan zijn soldaten het bevel om alle jongetjes tussen nul en twee jaar oud in Bethlehem te doden toen hij van de drie wijzen uit het Oosten hoorde dat daar een koning was geboren. Zo bang was deze wrede heerser dat deze koning der Joden zijn troon zou bedreigen. Het aantal der Onnozele Kinderen wordt volgens de Kerkvaders op 20 geschat, al circuleerden in eerder eeuwen de onwaarschijnlijke aantallen van 64.000 en zelfs 144.000. Alsof twintig onschuldige slachtoffers niet meer dan genoeg is.


Snoepfeest in Valkenswaard.

Wrang
Het lijkt wat wrang om de herdenking van een moordpartij als een feestdag te vieren. De Kerk verklaart dat simpel: wie zijn leven geeft omwille van Christus is een martelaar, diens dood mogen we herdenken als een feestdag. Tot in de achtste of negende eeuw werden de herdenkingen van alle martelaren als een vreugdefeest gevierd, met witte liturgische gewaden. Dat is nu rood geworden, de erekleur van de martelaren.

Martelaren?
Maar de slachtoffertjes in Bethlehem kunnen toch moeilijk als martelaren beschouwd worden, want ze kenden nog geen Christus of welk geloof dan ook? Daar heeft de Kerk natuurlijk ook over nagedacht. Het zijn martelaren niet zo zeer omdat ze hun bloed ter wille van Christus hebben gegeven, maar vooral omdat het in plaats van dat van Christus werd vergoten. Dat lijkt me een duidelijke verklaring. Terecht dus dat we dit feest eeuwen lang gevierd hebben als een echt kinderfeest.

Kloosters en gilden
In de Middeleeuwen kozen de misdienaars, koorknapen en scholieren jaarlijks uit hun midden een kinder-bisschop, die allerlei eerbewijzen van een bisschop ten deel viel en ook geschenken uitdeelde. In kloosters werd voor deze dag een ‘onnozele’ overste gekozen. Bij de gilden mocht die dag de bode van de sociëteit als deken optreden, en men zette het op een schransen. In gezinnen was de jongste die dag de baas en in Brabant gingen de kinderen, in de kleren van hun ouders, de staat op om zingend snoep en geld bij elkaar te bedelen.

Valkenswaard
Van al die folkore is, naar mijn weten vrijwel niets meer overgebleven. Maar gelukkig, we hebben nog Valkenswaard, een levendig plaatsje in de Brabantse Kempen. Ik ken het vooral van de jaarlijkse bedevaart van Valkenswaard naar Onze Lieve Vrouw van Handel. Ze houden er van tradities. En zij hebben weer een kinderfeest op de feestdag van Onnozele Kinderen.

Caféhouder
In de jaren tachtig van de vorige eeuw besloot Jo van Leeuwen een mooie herinnering uit zijn prille jeugd weer tot leven te brengen. “Toen ik als kind van 3-4 jaar aan de hand van mijn buurvrouw op die dag naar de bewaarschool liep werd er snoep uit de kerktoren gegooid. Zoiets vergeet je nooit,” vertelt hij me. “Lang voor de oorlog is die traditie al gestopt. Al die leuke dingen zijn naar de kloten gegaan,” voegt de nu bijna 87-jarige oud-caféhouder er krachtig aan toe. Jo van Leeuwen wilde die oude traditie terug.

Regen van snoep
Zelf geboren op de feestdag van Onnozele Kinderen, vond hij acht mensen met de zelfde verjaardag bereid om mee te betalen aan de herleving van het snoep strooien. In 1987 werd weer voor het eerst snoepgoed gegooid uit de galmgaten van de hoge toren van de Sint Nicolaaskerk op de markt van Valkenwaard. Om half elf gaan de klokken luiden van de eerbiedwaardige kerk en verzamelen zich zo’n 200 kinderen, al dan niet met hun ouders, op het plein voor de kerk. Jongelui zijn inmiddels de toren in geklommen en laten een regen van zo’n 100 kilo snoep omlaag komen.

Niet naar boven kijken
Omgekeerde paraplus om het snoep op te vangen zijn verboden, zegt Van Leeuwen streng, en de kleinste kinderen krijgen een pakje met wat snoepgoed uitgereikt. De grotere moeten rapen. Is het niet gevaarlijk, vraag ik wat praktisch. Snoep van zo hoog komt als een steen omlaag. “Er is inderdaad al eens een kindertand gesneuveld”, geeft van Leeuwen toe. “Ik zeg ook steeds tegen de kinderen: niet naar boven kijken, het snoep komt op de grond”. En zo hoort het ook: vertrouw maar op wat van boven komt.



Jo d’n Urste
Jo van Leeuwen staat bekend als Jo d’n Urste, en werd zelfs drie maal prins carnaval in Valkenwaard. Hij vertelt glunderend dat hij inmiddels al 21 mensen als mede-sponsoren in zijn comité heeft die op 28 december zijn geboren. “Ik vind het een leuk gebaar en ga er mee door tot dat ik dood ga.” Na het snoepfestijn gaat het feestcomité naar zijn oude café ‘Jo d’n Urste’ aan de markt voor koffie met vla.

Geen kerkviering
En wat doet de kerk? “Er is geen viering”, zegt pastoor Willy Schaar, “die is er ook nooit geweest, maar de kerk is wel open en mooi versierd”. Daar ligt dus nog een schone taak voor de toekomst. Ik zie het al voor me: een feestelijke kinderviering voorafgaand aan het snoep strooien. Feestelijk en toch ook een herdenking van zinloze doden. Ook een ‘onnozele’ kinderziel kan dat heus wel aan.