De grot van Plato & religieuze betekenis van muziek


Verum Bonum Pulchrum, 31 mei 2009

Lichamelijkheid en de virtuele werkelijkheid
De eerste treinreizigers moesten wennen aan het voorbijschietende landschap. De eerste bioscoopbezoekers dachten dat de trein op het doek de zaal in zou rijden. Wij moeten wennen aan de pc, mobiel bellen en computerspelletjes waarin je een eigen wereld kan bouwen. Wat is nog echt, wat is virtueel? Is er een kloof of is de virtuele wereld ook echt?
Filosoof Elke Müller deed onderzoek naar hoe mensen omgaan met technologische veranderingen en hoe wij dat denken.
Plato en Descartes zijn dan belangrijk: zij formuleerden een denkschema waarin subject en object, geest en lichaam als opposities gedacht worden.
Müller kiest voor het fenomenologische perspectief van het waarnemen. Het waarnemen is altijd een lichamelijk waarnemen en dat besef biedt een kans om het dualisme te overwinnen en het lichaam te emanciperen en in balans met de ratio te brengen.

Elke Müller, Tijdreizen in de grot. Virtualiteit en lichamelijkheid van panorama tot CAVE (Klement, Kampen).

Liturgische muziek
Liturgist Ad de Keyzer houdt een pleidooi voor eenvoudige kerkmuziek. Niet dat muziek niet moeilijk of ingewikkeld mag zijn maar omdat in de liturgie muziek een dienende functie heeft. Ook dan – en misschien wel juist ook dan – kan muziek een opening voor het transcendente bieden.

Ad de Keyzer schreef een bijdrage in de bundel Elke muziek heeft haar hemel De religieuze betekenis van muziek. Onder redactie van Martin Hoondert, Anje de Heer, Jan D. van Laar (Damon, Budel).

Cultuur
Adeline van Lier over de voorstelling ’s Moeder en gedichten van Hans van de Waarsenburg, Wie hier nog komt (Wereldbibliotheek, Amsterdam).