Kloosters zijn in! (hh)
Soeterbeeck, dinsdag 22 mei 2007 Een stedentripje is zo geboekt, maar op een weekendje klooster moet je langer wachten. De gastenverblijven zijn namelijk bijna altijd volgeboekt en de wachttijden lopen al snel op tot een half jaar. Waarom spreken deze plekken van rust en mystiek zo aan in een hectische wereld als de onze? En welke kloosterwijsheden kun je toepassen in het leven van alledag?
Uitblazen
Te gast is onder andere de Benedictijner broeder Simon van de Adelbertabdij in Egmond Binnen. Een gemeenschap met 13 monniken. Per jaar komen er
enkele duizenden mensen voor rust en bezinning. Namens de communiteit vangt hij de gasten op en begeleidt ze gedurende hun verblijf. Hij doet dit werk al 27 jaar en is 52 jaar monnik. ?Je
praat niet eens zo veel als gastenbroeder, je moet vooral goed kunnen luisteren. De meeste gasten komen om pas op de plaats te maken. Ze willen even uitblazen.? Volgens broeder Simon is het
merendeel van de gasten niet katholiek. ?Alle mensen zijn godzoekers, wij monniken niet alleen. Geluk zoeken is ook God zoeken en je leven op een rijtje zien te krijgen soms ook?.
Vlnr: Geert Derkse, Miek Pot en broeder Simon (foto: RKK)
Marktplein
Verder praat Wilfred Kemp met Miek Pot, historica en trainer/coach van beroep. Twaalf jaar woonde zij in een Karthuizerklooster: eerst in de
Ardennen, later in Zuid-Frankrijk. Strenger kan haast niet: ze waren met 12 zusters, allemaal hadden ze eigen huisje (kluis). Ze zagen elkaar alleen op de zondagen. ?Die twaalf jaren waren
een onderdompeling. Daarvoor was ik een ongeleid projectiel. In het klooster ben ik tot de kern gekomen. Het heeft me enorm goed gevormd en goed gedaan.? Uiteindelijk verlangde Miek Pot naar de
wereld, ?naar het marktplein? zoals ze dat zelf zegt. Ze snapt goed waarom kloosters aangename oorden zijn voor de drukke mens van vandaag. Ook er enkele dagen vertoeven kan een weldaad zijn;
haar keuze was natuurlijk erg radicaal. ?Iedereen wordt overvoerd met prikkels, het verlangen naar stilte wordt steeds groter. Kloosters bieden dat. Je zou in de toekomst naar een vorm moeten
waarin mensen zich tijdelijk aan een klooster of abdij kunnen verbinden.?
Vlnr: broeder Simon, Geert Derkse en Miek Pot (foto: RKK)
Schooldirecteur
Geert Derkse, de derde gast, brengt dit al in praktijk. In het dagelijks leven is hij schooldirecteur, maar vier keer per jaar vertoeft hij als oblaat bij de
Benedictijnen van de Slangenburgabdij bij Doetinchem. Oblaat is afgeleid van het latijnse woord oblatus, offergave. In de middeleeuwen werden er kinderen mee bedoeld die opgroeiden in het
klooster, nu is een oblaat iemand die zich door middel van een gelofte heeft verbonden aan een kloostergemeenschap zonder in te treden. Belangrijke kloosterlessen: terug naar de menselijke
maat, niet alleen met cijfers in de weer zijn, onderscheid maken tussen mensen juist om ze recht te doen, doe de dingen met aandacht, verheerlijk God in alles wat je doet. Miek Pot heeft over haar ervaringen een boek geschreven: 'Naar het hart van mijn ziel', uitgeverij Ten Have.



