Wees Gegroet

3 september 2010 - Wees gegroet is een soort katholieke roadmovie, nou ja , vooral de zoektocht van een man die is vastgelopen. Via Lourdes trekt hij naar Zwitserland om z’n broer terug te vinden. Het levert een vlot geschreven verhaal over twee tegenpolen op, met geloven of niet geloven als rode draad.

door Barbara Trappenburg

Twee broers
Wees gegroet is het verhaal van twee broers die in alles opponenten zijn. Henri is de oudste, het buitenbeentje in het gezin, met zijn serieuze belangstelling voor het katholieke geloof (“Jezus was altijd al een magneet voor hem.”). Hoofdpersoon Jannes, vier jaar jonger, een moederskindje. 

Zoeken versus weten
Volwassen is Jannes een softie met een ongezonde moederbinding, die niet verder gekomen is dan barman en wiens vriendin net is weggelopen. Hij is de weg kwijt. Henri heeft het ware geloof omarmd: “Henri kent de waarheid.” Hij woont met een groepje gelijkgestemde gelovigen in een klein Zwitsers dorp.

Breekpunt
Wees gegroet begint met het meest vreselijke dat Jannes is overkomen: het jarenlange ziekbed en uiteindelijk het sterven van zijn innig geliefde moeder. Het vormde het breekpunt in de toch al moeizame relatie tussen Jannes en Henri. Jannes verzorgde zijn moeder tot het einde toe. Henri had niet meer te bieden dan bidden.

Ver van elkaar verwijderd
Tien jaar later zoekt Jannes Henri op om te kijken of hij nog een band met zijn broer kan hebben. Ze voeren gesprekken, maar die maken alleen maar duidelijk hoe ver ze van elkaar verwijderd zijn: “Jannes denkt na over wat Henri allemaal zegt, en Henri denkt na over wat hij nog meer allemaal kan zeggen, (…)”. Aan het eind ligt Jannes’ lot in handen van Henri. Het valt te betwijfelen of die daar goed mee omspringt, of hij Jannes’ ziel niet belangrijker vindt dan zijn lichaam.


Het Zwitserse plaatsje Rehetobel. (Foto: Roland Zumbühl)

Geloof als contrast
“Religie. De bezwering van doodsangst is het, meer niet”. Zo kijkt Jannes er tegenaan. Henri heeft het katholieke geloof vaarwel gezegd en woont bij de Nieuwe Christenen als volgeling van de Zwaard-Bisschop. Volgens Henri hoort offers brengen, dingen opgeven bij zijn geloof: “(…) God wil een offer. Als het niks kost, is het niks waard tenslotte. De hemel krijgt niemand cadeau.” 

Het ware geloof
De Nieuwe Christenen bezitten het ware geloof. De Zwaard-Bisschop is de “ (…) enige rechtmatige hoeder over Gods woord in dit aardse (…)”. ‘Zwaard’ staat voor het Woord van God. God sprak tot de Zwaard-Bisschop zoals hij ooit tot Petrus sprak: “Nikolaus, neem Mijn kerk mee!” De Zwaard-Bisschop, Nikolaus Schneider, stichtte Kampf gegen Satan, later Nieuwe Christenen genoemd. God geeft de voorkeur aan de Nieuwe Christenen boven de Rooms-Katholieke Kerk.

Niet bedacht
Hoe bedacht het verhaal van de Zwaard-Bisschop ook lijkt, het is ontleend aan de werkelijkheid. Zwaard-Bisschop Nikolaus Schneider bestaat echt; hij is gewijd als bisschop, maar opereert onafhankelijk. Hij leidt de Nieuwe Christenen, die in acht landen vertegenwoordigd zijn (vooral in Europa, waaronder Zwitserland, Nederland en België). De kleine geloofsgemeenschap is gevestigd in het Zwitserse Rehetobel.

Wees gegroet
Er zijn veel overeenkomsten tussen de gewoonten en gebruiken van de katholieke kerk en die van de Nieuwe Christenen. Zo bidden ook zij het Weesgegroet. De titel ontleent het boek echter aan de woorden waarmee Henri na tien jaar zijn broer begroet: “Weesgegroet!”. Jannes kan dat wel waarderen: “Reli-humor.”

Van introïtus tot slotzang
Van der Beek heeft zijn boek van een duidelijke structuur voorzien: alle hoofdstukken hebben ondertitels: introïtus, kyrie, sanctus, koorzang. Samen vormen die in grote lijnen de onderdelen van de mis. Een mis voor de moeder van de twee broers?

Verstand van zaken
Duidelijk is dat Van der Beek goed thuis is in de bijbel, de Katholieke Kerk en in de eigenaardigheden in het geloof van de Nieuwe Christenen. Het boek zit vol met verwijzingen en wetenswaardigheden. Van der Beek gebruikt religie om discussies over allerlei onderwerpen aan op te hangen (Is ziekte een straf van God?).

Luchtig
Wees gegroet heeft een nonchalante stijl. De losse toon houdt het verhaal luchtig. Het typeert Jannes als een oppervlakkig levende man. Tegelijkertijd zorgt het voor geestige passages. In een gesprek met de Zwaard-Bisschop ziet Jannes hoe “Het Werktuig van God aarzelt.” 
 
Niet zo goed gelukt
Het is slim van Van der Beek om Jannes in te wijden in de Nieuwe Christenen door hem folders te laten lezen, waar hij in gedachten commentaar op geeft en waarbij de lezer meekijkt. Maar de auteur maakt het zichzelf daarmee ook moeilijk. Het is hem niet altijd even goed gelukt om de overgangen soepel te laten verlopen, zoals in hoofdstuk 9 (Nikolaus, neem Mijn kerk mee). Niet dat je als lezer helemaal de weg kwijtraakt, maar soms is het wat moeizaam. 

Om op te hangen
Dat vindt de uitgever. Dat het een boek is om aan de muur te hangen. Het is inderdaad mooi vormgegeven. Het boek heeft niet het standaardformaat (maar is breder en lager), waardoor het er uitspringt in de boekenkast. Mooi gedaan. De bladspiegel vind ik wat minder geslaagd met aan de bovenkant wat weinig wit.
 
De auteur
Hans van der Beek (Sittard, 1966) studeerde geschiedenis aan de UvA. Hij werkt als verslaggever bij het Parool en heeft meerdere non-fictieboeken op z’n naam. In 2008 verscheen zijn debuutroman Mijn vrouw heet Petra.

Barbara Trappenburg studeerde letteren in Groningen. Ze werkt als journalist, tekstschrijver, redacteur en recensent.