(C)DA
11 oktober 2011
Van missie tot zeehondencrèche
Als kind zat ik op de RK Carolusschool. Iedere dag begon daar met een ochtendgebed. Op dinsdag- en vrijdagmorgen ging de hele school
naar de schoolmis, er werd gespaard voor de missie en één keer per week kwam de kapelaan bijbelverhalen vertellen. In de jaren zeventig ging de juf zelf verhalen vertellen, niet meer
uit de bijbel maar van Godfried Bomans. De schoolmis verdween. In de jaren tachtig werd het missiebusje vervangen door een zeehond met een gleuf in zijn hoofd. De opbrengst was voor de
zeehondencrèche in Pieterburen. En in de jaren 90 klonk het laatste gebed, zonder dat iemand nog antwoordde met ‘Amen’. Inmiddels heet de school: De HoWiBlo, naar de drie
woonkernen Hofland, Willeskop en Blokland. Officieel nog wel een katholieke school, maar dat merk je nergens meer aan.
De rol van de C
Ik moet hieraan denken nu we de laatste hand leggen aan de aflevering van Kruispunt TV van komende zondag. Daarin maken we de balans op, een maand
na het historische verlies van het CDA. Wat is de oorzaak, maar vooral: komt het goed nog goed met de christendemocratie en zo ja, wat wordt in de toekomst de rol dan van de C van het
Christen Democratisch Appèl?
Verlegenheid
Zelf ben ik vooral benieuwd naar die C. Ik merk al langere tijd bij het CDA een zekere verlegenheid om in het openbaar over die C te spreken. Alsof ze zich
ervoor schamen. Als je dat vraagt, ontkent iedereen dat. “We moeten de C zeker niet schrappen”, zei CDA-voorzitter Ruth Peetoom onlangs nog in dagblad Trouw, “ maar het is
niet meer iets dat ons bindt”. Kortom: de C zegt vooral iets over het verleden, maar heeft nauwelijks nog actuele waarde. Voor sommige individuele leden misschien nog wel, maar niet
meer voor de partij als geheel.
Van C naar c
We besluiten de regionale CDA-voorzitters te bellen. Ze zijn het bijna allemaal met Peetoom eens. “De C van christelijk is niet meer iets wat mensen
aanspreekt” zegt de één. “Misschien moeten we in de toekomst de C van CDA met een kleine letter schrijven”,zegt een ander. Het cDA dus. Bijna allemaal zijn ze vooral
bezorgd over het aantal kamerzetels. “Als we de C expliciet gaan benoemen, dan zal dat in de toekomst alleen maar kiezers afstoten.”.
Aan de vruchten herkent men de boom
Ook CNV voorzitter Jaap Smit zit op deze lijn. Een half jaar geleden nog werd hij genoemd als mogelijke partijleider van het CDA. Niet
de eerste de beste dus. “Aan de vruchten herken je de boom”, zegt hij. Het gaat om waarden als solidariteit, zorg voor de zwakken, rentmeesterschap, die moet je helder
communiceren”. Over de C kun je volgens hem maar beter zwijgen.
Ver-van-mijn-bed
Het doet me allemaal denken aan de leerkrachten van mijn vroegere RK Carolusschool. Zij vroegen zich af: “Waarom nog bijbelverhalen vertellen als de
verhalen van Godfried Bomans ook over respect en naastenliefde gaan. Waarom geld naar een ver-van-mijn-bed doel, als zielige zeehondjes dichtbij huis kinderen veel meer aanspreken. Respect voor
de schepping is toch ook christelijk? Waarom nog bidden als niet iedereen in de klas nog gelovig is?”
Naastenliefde versus solidariteit
Mijn RK Carolusschool heet nu dus HoWiBlo. Het is een school als zovele andere. Haar identiteit is verwaterd, overigens zonder gevolgen
voor het leerlingenaantal. Dat blijft onverminderd groot. Voor het CDA ligt dat anders. Volgens mij heeft het vijfde verlies op rij wel degelijk te maken met verlies aan een duidelijke
identiteit. Want als de christelijke identiteit verwatert, hoe leg je dan nog aan je kiezers uit wat het verschil is tussen christelijke naastenliefde en socialistische solidariteit, tussen het
CDA en de PvdA?
Wilfred Kemp




