DEEL 1: DE GELOOFSBELIJDENIS

TWEEDE SECTIE : DE BELIJDENIS VAN HET CHRISTELIJK GELOOF DE GELOOFSBELIJDENISSEN


TWEEDE HOOFDSTUK: Ik geloof in Jezus Christus, de enige Zoon van God

ARTIKEL 7: 'Vandaar zal Hij komen oordelen de levenden en de doden'
I. Hij zal wederkomen in heerlijkheid
Christus regeert reeds door middel van de kerk...
668

450
518
'Daarvoor is Christus gestorven en weer levend geworden: om Heer te zijn over doden en levenden' {Rom. 14,9}. Het opstijgen ten hemel van Christus betekent dat Hij in zijn menselijke natuur deel heeft aan de macht en het gezag van God zelf. Jezus Christus is de Heer. Hij heeft alle macht in de hemel en op aarde. Hij staat 'hoog boven alle heerschappijen, machten, krachten en hoogheden,' want de Vader heeft 'alles onder zijn voeten gelegd' {Ef. 1,20-22}. Christus is de Heer van het heelal1  en van de geschiedenis. In Hem vinden de geschiedenis van de mens en zelfs heel de schepping hun 'samenvatting' {Ef. 1,10}, hun transcendente voltooiing.
669

792
1088
541
Als de Heer is Christus ook het hoofd van de kerk, die zijn lichaam is.1  Omhoog geheven ten hemel en verheerlijkt, nadat Hij zo zijn zending ten volle vervuld heeft, blijft Hij op aarde in zijn kerk. De verlossing is de bron en de oorsprong van het gezag dat Christus dankzij de heilige Geest uitoefent over zijn kerk. 2  'Het rijk van Christus is al in mysterie aanwezig in de kerk', 'kiem en begin van dit koninkrijk op aarde' . 3 
LG 3; 5, vert. uit Lat.
670

1042
825
547
Sinds de Hemelvaart is Gods heilsbeschikking in de fase van haar voltooiing gekomen. Wij zijn reeds in 'het laatste uur' {1 Joh. 2,18}. 1  'Zo is het einde der tijden reeds tot ons gekomen en de vernieuwing van de wereld is onherroepelijk vastgelegd en wordt in deze tijd op reële wijze geanticipeerd: de kerk is immers reeds op aarde getooid met een echte, zij het dan ook onvolmaakte heiligheid'.2 
LG 48, vert. uit Lat.
Het koninkrijk van Christus laat reeds zijn aanwezigheid blijken in de wonderbaarlijke tekenen3  die zijn verkondiging door de kerk vergezellen.4 
...wachtend tot alles aan Hem onderworpen is
671

1043
769
773
2046
2817
Toch is het rijk van Christus, reeds tegenwoordig in zijn kerk, nog niet volledig 'met macht en grote heerlijkheid' {Lc. 21,27}1  gevestigd door de komst van de Koning op aarde. Dit rijk wordt nog belaagd door de boze machten,2  ook al zijn deze reeds overwonnen door het Pasen van Christus. Totdat alles aan Hem onderworpen is,3  'zolang de nieuwe hemelen en de nieuwe aarde, waar gerechtigheid woont, er nog niet zijn, draagt de kerk op haar aardse pelgrimstocht in haar sacramenten en instellingen, die op deze tijd betrekking hebben, de vergankelijke gedaante van deze wereld. Zolang ook leeft zij te midden van de schepselen die nog steeds zuchten en barensweeën lijden en uitzien naar de openbaring van de kinderen Gods'.4 
LG 48, vert. uit Lat.
Om de wederkomst van Christus te verhaasten5  bidden daarom de christenen, vooral in de eucharistie6  tot Hem met de woorden: 'Kom, Heer' {1 Kor. 16,22 ; Apok. 22,17.20}.
672

732
2612
Christus heeft voor zijn hemelvaart gezegd dat het uur van de glorievolle vestiging van het messiaanse koninkrijk1 , dat door Israël verwacht werd, nog niet was aangebroken. Dat rijk zou, volgens de profeten2  alle mensen de definitieve orde van gerechtigheid, liefde en vrede moeten brengen. De huidige tijd is volgens de Heer de tijd van de Geest en van het getuigenis3 , maar het is ook een tijd die nog steeds gekenmerkt wordt door de 'nood' {1 Kor. 7,26} en de beproeving van het kwaad3  die de kerk niet sparen4  en het begin inluidt van de strijd van de laatste dagen.5  Het is een tijd van wachten en waakzaam zijn.6 
De glorievolle komst van Christus, de hoop van Israël
673

1040
1048
Sinds de hemelvaart is de komst van Christus in heerlijkheid aanstaande, 1  zelfs als het ons 'niet toekomt dag en uur te kennen, die de Vader in zijn macht heeft vastgesteld' {Hand. 1,7}.2  Deze eschatologische komst kan ieder ogenblik plaatsvinden,3  zelfs al wordt ze, en met haar de laatste beproeving die eraan voorafgaat, 'opgehouden'.4 
674

840
58
De komst van de verheerlijkte Messias wordt op elk ogenblik van de geschiedenis uitgesteld,1  totdat Hij wordt erkend door 'heel Israël' {Rom. 11,26} ; {Mt. 23,39} waarover ten dele 'de verharding gekomen is' {Rom. 11,25} in de vorm van 'het ongeloof' {Rom. 11,20} ten opzichte van Jezus. De heilige Petrus zegt het tegen de joden van Jeruzalem na Pinksteren: 'Bekeert u dus en hebt berouw, opdat uw zonden worden uitgewist en er van de Heer uit tijden van verkwikking mogen komen en Hij u Jezus zende, die voor u als Messias was voorbestemd. De hemel moest Hem opnemen tot de tijd van het herstel van alle dingen, waarover God gesproken heeft bij monde van zijn heilige profeten' {Hand. 3,19-21}. En bij de heilige Paulus klinken deze woorden door, wanneer hij zegt: 'Als hun verwerping de wereld verzoening heeft gebracht, wat kan dan hun aanneming anders betekenen dan leven uit de doden?' {Rom. 11,15}. Het binnengaan van 'het volledig getal van de joden' {Rom. 11,12} in het messiaanse heil, in het voetspoor van het 'volledig getal van de heidenvolken' {Rom. 11,25} 2  zal het volk van God de mogelijkheid geven 'de volheid in Christus' {Ef. 4,13} tot stand te brengen, waarin God alles in alles is' {1 Kor. 15,28}.
De laatste beproeving van de kerk
675

769
Voorafgaand aan de komst van Christus moet de kerk een laatste beproeving doorstaan die het geloof van talrijke gelovigen zal doen wankelen.1  De vervolging waarmee haar pelgrimstocht op aarde vergezeld gaat,2  zal het 'mysterie van de ongerechtigheid' onthullen in de vorm van een godsdienstig bedrog dat de mensen een schijnoplossing biedt voor hun problemen. De prijs die zij daarvoor betalen is dat zij afvallen van de waarheid. De ergste godsdienstige dwaalleer is die van de Antichrist, d.w.z. die van een pseudo-messianisme waarin de mens zichzelf verheerlijkt in plaats van God en zijn Messias, die in het vlees gekomen is.3 
676

2425
Deze dwaalleer van de Antichrist tekent zich reeds in de wereld af, telkens als men beweert de messiaanse verwachting in de geschiedenis in vervulling te doen gaan: deze verwachting kan alleen maar buiten de geschiedenis langs de weg van het eschatologisch oordeel in vervulling gaan: zelfs in haar gematigde vorm heeft de kerk deze vervalsing van het komende koninkrijk onder de naam van chiliasme verworpen1 
Vgl. DS 3839
, vooral in de politieke vorm van een geseculariseerd, 'intrinsiek verkeerd' messianisme.2 
Vgl. Pius XI, Enc. "Divini Redemptoris", die '.het valse mysticisme" van deze "omkering van de verlossing van de nederigen" veroordeelt; GS 20-21
677

1340
2833
De kerk zal de heerlijkheid van het koninkrijk alleen maar binnengaan door dit laatste Pasen heen, wanneer zij haar Heer in zijn dood en verrijzenis zal volgen.1  Het koninkrijk zal derhalve niet tot stand komen door een historische triomf van de kerk2  op grond van een steeds verdere vooruitgang, maar door een overwinning van God op het kwaad dat zich voor de laatste strijd heeft opgemaakt.3  Met die overwinning zal de bruid van Christus uit de hemel neerdalen.4  De triomf van God over de opstand van het kwaad zal de vorm aannemen van het laatste oordeel5  na de laatste kosmische beving van deze wereld, die voorbijgaat.6 

Terug naar de inhoud | Terug bladeren | Vooruit bladeren