Hetty Blok



‘Ik mis Annie M.G. Schmidt nog steeds’

Actrice en cabaretière Hetty Blok wordt woensdag negentig jaar. Generaties televisiekijkers kennen de scherp articulerende actrice als zuster Klivia uit de onvolprezen serie Ja zuster, nee zuster. Eerder maakte zij furore als Sjaan in het radiofeuilleton De familie Doorsnee. Ze geldt bovendien als een van de intieme vriendinnen van Annie M.G. Schmidt, wier leven centraal staat in de dramaserie Annie M.G..

Had u alles voor geen goud willen missen?
‘Er is maar weinig wat ik voor geen goud had willen missen. Mijn kind Victor had ik zeker voor geen goud willen missen en ook vele dierbare publieksreacties niet. De mooie gedichten die ik heb mogen doen, had ik ook niet willen missen. Als je nog even wacht, dan komen er nog zesentwintig andere dingen die ik ook niet graag had willen missen, voor geen goud.’

Ze wordt op 6 januari – Driekoningen – negentig jaar. Het is niet dat ze ernaar uitkijkt. ‘Wie wil er nu toch negentig worden?’, roept ze uit met haar typerende stemklank. ‘Je wordt het vanzelf. Je hoeft er -helemaal niets voor te doen. Het is het gemakkelijkste wat mij tot nu toe is overkomen.’ Ze zegt slechts -‘enige euvelen’ te hebben: ‘Ik loop nu met een koket stokje.’ Ter gelegenheid van haar negentigste verjaardag wordt haar een groot feest toebereid in de theaterzaal van de nieuwe openbare bibliotheek in Amsterdam, maar zelf verkiest zij ter zake een ‘very stiff upperlip’. ‘Het wordt iets met veel verrassingen waar talloze lieve mensen mee bezig zijn. Ik zie er wel naar uit, maar ook met enige reserve. Ik sluit niet uit dat ik zó zal smelten van al die lieve dingen dat ik zelf aan het eind totaal niets meer kan doen. Ik ben dan totaal opgelost.’

Van zichzelf zegt zij dat er in haar leven op televisie en radio ‘allerlei dingen’ geweest zijn waar zij ‘doorheen gepiept’ is. Niettemin zijn er naar haar idee nu alweer drie generaties die nog nooit van haar, laat staan zuster Klivia gehoord hebben. ‘Kleinkinderen van zo’n oudere generatie horen in de auto de cd’s met liedjes uit Ja zuster, nee zuster gedraaid worden en raken dan toch weer een klein beetje vertederd door zuster Klivia, is mijn ervaring.’

Hard werken
Op 2 oktober 1951 stond zij voor het eerst voor de televisiecamera in wat in de omroepgeschiedenis genoteerd staat als de eerste officiële Nederlandse televisie-uitzending. ‘Ik speelde in De toverspiegel een scène met Daan Hooijkaas over een televifoon, een apparaat waarop je het beeld kreeg van degene met wie je belde. Dat was nog eens een vooruitziende blik!’ Zelf was Hetty Blok toen al jaren met cabaret bezig, maar ze stopte na de geboorte van haar zoon Victor en ging vervolgens solo met een tas vol boeken in de trein met een voorleesprogramma. Ze speelde in de gezelschappen van Wim Sonneveld en Fien de la Mar, en op de radio verkreeg zij nationale faam in haar rol als huishoudster Sjaan in Annie M.G. Schmidts radiofeuilleton De familie Doorsnee. ‘De familie Doorsnee heeft zes jaar gelopen. In de periode dat ik een baby kreeg, moest ik tussendoor snel met een taxi naar huis om mijn baby te voeden en weer terug.’ Halverwege de jaren zestig zat Nederland en masse voor de buis voor Ja zuster, nee zuster, de belevenissen van zuster Klivia en haar commensaals in een ‘Rusthuis vol herrie’. De populaire serie liep twee seizoenen, van 1966 tot 1968, en wordt wel het mooiste genoemd wat de Nederlandse televisie heeft voortgebracht. ‘U begrijpt dat mijn neus krult van dit compliment. Oorspronkelijk was het de bedoeling dat er slechts acht afleveringen van de reeks geschreven zouden worden, maar Ja zuster, nee zuster werd zo ongelooflijk populair dat Annie er nog een seizoen bij geschreven heeft, en daarna nog een paar afleveringen. Ze moest er uiteindelijk mee ophouden, omdat ze Mary Dresselhuys beloofd had een toneelstuk voor haar te schrijven. Annie vond het verschríkkelijk hard werken in Ja zuster, nee zuster, waarvoor ze bovendien naar haar idee zeer mager betaald kreeg! In iedere aflevering trad een gast aan, ook van het grote toneel, zoals Ko van Dijk, maar ook Wim Sonneveld, Albert Mol en Johan Kaart.’ 

Ja zuster, nee zuster betekende in de jaren zestig Annie Schmidts comeback als schrijfster op de Nederlandse televisie. Televisiehistorici stellen zichzelf voortdurend de vraag wat uitgerekend deze serie nu zo waanzinnig populair maakte. ‘De serie was niet “bijzonderder” dan De familie Doorsnee, waar door de luisteraars -tijdens de uitzending op maandagavond thuis ook een half uur lang geen water werd gebruikt. De diepe reden voor het succes van Ja zuster, nee zuster weet ik zelf ook nog steeds niet. De serie was geschreven voor kinderen, maar volwassenen keken net zo graag. Het was zo leuk, geestig en speels. In dat rusthuis heerste ook eigenlijk een heel harmonisch, intiem soort samenleving waar het gevaar van buiten kwam.’

Merkwaardig, want in dat ‘Rusthuis vol herrie’ zaten alleen maar mensen die niets omhanden hadden en van wie het volstrekt onduidelijk was wát ze nu eigenlijk deden.

‘Jet maakte pruiken en Bobby groef altijd gaten in de tuin. De ingenieur veroorzaakte iedere uitzending een ontploffing, waardoor de huisbaas buurman B.B. Boordevol (Dick Swidde) de bewoners het rusthuis uit wilde hebben. Maar zuster Klivia heeft bij mijn weten zelfs nog nooit een thermometer in haar handen gehad. Annie schreef de serie speciaal voor Leen Jongewaard en mij, omdat haar dat een inspirerende combinatie leek. Zij bedacht dat het wel leuk zou zijn als Klivia een inbreker in huis zou nemen. Dat werd Gerrit, gespeeld door Leen Jongewaard. Wij moesten die inbreker dan beter maken.’

U moest daar een Gronings accent bij voeren.
‘Annie vroeg mij dat en Gronings spreek ik al sinds mijn jeugd, omdat ik dan bij een neefje ging logeren. De creatie van opa door Leen Jongewaard was onovertroffen en componist Harry Bannink heeft heel veel bijgedragen aan de populariteit van de liedjes doordat zijn muziek zo aanstekelijk was.’

Scherp
Hetty Blok noemt zich nadrukkelijk een erfgename van het werk van Annie M.G. Schmidt. ‘Annie had een on-Nederlands esprit, terwijl ze toch uit de Zeeuwse klei getrokken was. Ze was zeer maatschappijkritisch. Oorspronkelijk was ze een schuchtere -domineesdochter en nadien een schuchtere archiviste bij Het Parool. De krant had een eigen cabaretgroep, De inktvis, en toen bleek dat die schuchtere Zeeuwse juffrouw fantastische cabaretdingen kon schrijven. Ze  was natuurlijk onmiddellijk enfant chérie bij Het Parool. Toen is haar triomf begonnen.’

Zij was ook libertair en haar tijd ver vooruit.
‘Dat was ze inderdaad. Ze wilde ook graag een kind, zonder dat daar een officiële vader aan verbonden was. Iedere vrouw die dat graag wilde, had volgens haar recht op een kind. Ik bewonder haar in hoge mate en ik ben dankbaar dat ik zo veel van haar werk heb mogen vertolken. Ik mis haar nog steeds.’

Vond u haar aardig?
‘Ja, ik vond haar bijzonder aardig, maar ze kon ook heel erg scherp zijn. Dat bleek ook op zaterdagmiddag, dan kwamen er altijd een aantal vrienden stukken voorlezen. Jeanne Roos van Het Parool, een goede vriendin van Annie, was er. Wim Hora Adema en dan kwamen Anke en George Groot van het cabaret Don Quishocking. Ze is tegen mij, lang geleden, ook een keer heel scherp geweest. Maar ze was totaal niet rancuneus. We waren vriendschappelijk. Vanaf 1948 ontwikkelde er zich een allerliefste, gezellige, losse vriendschap. Het was bekend dat Annie het niet erg prettig vond om al te vriendschappelijk te zijn met mensen voor wie ze schreef.’

Geniaal en verstrooid
De maatschappelijke thema’s die Schmidt behandelde – abortus, opvoeding –, waren hier in die tijd bepaald niet bespreekbaar. Annie kwam met vrijzinnige visies. Een van de thema’s die Schmidt in haar teksten verwerkte, was euthanasie. Toen zij haar dood in 1995 voelde naderen, euthanaseerde zij zichzelf. ‘Ja, ze voelde zich heel oud en ongelukkig, ze was bijna blind en ze werd incontinent. Dat zijn vreselijke dingen als je waardig wilt blijven en ook waardig wilt sterven. Ik ben lid van de Vereniging voor Vrijwillige Euthanasie.’

Ze zegt dat ze in haar jonge jaren welzeker ‘van de kerk’ is geweest. Haar Zeeuwse familie was vurig Nederlands-hervormd, tegen het gereformeerde aan. Haar ouders waren evenwel vrijzinnig-hervormd. ‘Ik ben ook op een vrijzinnige zondagsschool en later op catechisatie geweest. Nu is daar niets meer van overgebleven. Het heeft niet beklijfd. In een God geloven doe ik niet meer en de hemel zal ik nimmer bereiken. Nee, ik ga verrukkelijk slapen.’

Hetty Blok is een van de weinige nu nog in leven zijn-de actrices die met Annie M.G. Schmidt gewerkt hebben. Blok herinnert zich een typisch ‘Schmidt’-voorval. ‘Annie kreeg eens gasten te eten. Ze had oesters, maar nog geen ijskast, want die had niemand nog in die tijd. Ze had die oesters alvast met een mesje opengemaakt en op het balkon gezet. Toen de gasten kwamen en ze die oesters wilde opdienen, bleken die al door de meeuwen te zijn opgegeten. Dít is echt een verhaal dat bij Annie hoort: geniaal en verstrooid.’

Zonnig
Zij toont mij een zogenaamd likeurkeldertje op haar schoorsteenmantel, pal na de oorlog geruild met de acteur Gerard Rekers tegen twee tropenuniformbroeken in een periode dat er weinig kleding beschikbaar was. ‘Het is zo mooi, mijn hulp mag dit ook niet zomaar afstoffen. Daarom zit het nu ook onder een dikke laag stof.’ De foto van haar zeven maanden oude zoon als baby is haar zéér dierbaar. ‘Een prachtige baby met zeven prachtige tandjes, waardoor het toen al zo’n mooi, gaaf gezichtje werd. Hij staat er zo zonnig op en zit in een ijzeren tuinvaas. Hij organiseert nu tentoonstellingen van zeventiende-eeuwse kunst in samenwerking met het Rijksmuseum en het Frans Hals Museum. Die tentoonstellingen worden in La Coruña in Spanje getoond.’

Wonder
Aanstaande zondag begint de eerste aflevering van de -zevendelige serie Annie M.G. Drie actrices spelen Annie Schmidt in telkens een ander opeenvolgend deel van haar leven. ‘Annemarie Prins speelt Annie in het laatste deel van haar leven, zoals ik haar ook gekend heb. Annemarie speelt haar als een ontzettend leuk en eigenwijs mens. Heel erg mooi. Het is waar: Annie Schmidt trachtte een frisse wind te doen waaien door het naoorlogse Nederland. Harry Bannink en zij hebben zeker die frisse wind laten waaien door de Nederlandse kinderliteratuur en door de kunst, de verzen klonken uit schoolramen en autoramen. Dat deze twee mensen elkaar artistiek gevonden hebben, is absoluut een wonder geweest.’