Yves Leterme



‘Ik ben niet altijd even trots op wat justitie hier in dit land uithaalt’

De christen-democraat Yves Leterme (48) moest vorig jaar december, in de nasleep van de Fortis-affaire, aftreden als eerste minister van België. Negen maanden sleepte hij zich in die functie van crisis naar crisis. Koersen op Vlaamse kasseien en een bovennormale goesting hielden hem op de rails. Leterme wil terugkomen!

Hij heet Mark Cavendish en won twee weken geleden de klassieker Milaan-San Remo. Yves Leterme veert rap op uit zijn stoel. ‘Ja, hij won met een kattensprong in de laatste meter! Knap gedaan, de knul is net 22 jaar!’ Noem de naam van een beroemde Belgische wielerklassieker en Yves Leterme is erbij geweest. ‘De Brit Cavendish komt van het eiland Man. Ik zeg eerlijk: ik had liever andere winnaars gehad, maar alla. Het wielrennen is behoorlijk geglobaliseerd, dus er zijn meer concurrenten. Het is veel moeilijker geworden voor een klein land als België, want tegenwoordig heb je Russen, Amerikanen en Australiërs.’

Leterme werd geboren in de Westhoek van Vlaanderen, Ieper. Daar geldt dat je vanaf je geboorte al een gespogen aspirant-wielrenner bent. ‘Vlaanderen is koers en koers is Vlaanderen. Ikzelf leef graag tussen de renners en als je politieke verantwoordelijkheid draagt, is de koers een van de plekken waar je veel mensen op een ongedwongen manier ontmoet. Op de koers leer je de polsslag van de samenleving kennen.’

De gewezen Belgische eerste minister zegt de afgelopen acht jaar in een hels ritme te hebben geleefd: vijf jaar met zeer veel genoegdoening, de afgelopen twee jaar onder continue hoogspanning. Waarom doet hij het zichzelf aan? ‘Ik ben iemand die altijd voluit gaat voor de dingen. Uiteindelijk doe je het om dienstbaar te zijn aan de samenleving, om dingen ten goede te veranderen. Ik ben vorig jaar op de grens gebotst. Ik probeer nu vooral gezonder te leven en iets meer rust in te bouwen. Dat is nodig om goede beslissingen te nemen.’

Want u wilt weer eerste minister van België worden?
‘Wel, we gaan zien. Mij werd de vraag gesteld of ik ook in de toekomst eerste minister zou kunnen worden. Waarom zou ik dat uitsluiten? Als de kiezer dat wil. Wij leven in een democratie.’

Leterme moest als eerste minister terugtreden omdat hij in de Fortis-zaak de rechterlijke macht onder druk zou hebben gezet. Een onderzoeksrapport weersprak vorige maand die beschuldigingen. Leterme voelt zich feitelijk geslachtofferd door de rechterlijke macht. ‘Ik ben niet altijd even trots op wat justitie hier in dit land uithaalt. Het Hof van Cassatie bracht de regering vorig jaar op basis van geen enkel deugdelijk bewijs in de onmogelijkheid nog verder te besturen. Ik vind dit eigenlijk bijna een ministaatsgreep. De voorzitter van het hoogste rechtscollege stapt zonder wettelijke basis op een donderdagmiddag doodleuk het parlement binnen en zegt zonder bewijzen: “Die regering daar bestaat uit foefelaars!” Ik vond dit niet democratisch meer.’

Heldendaad
Als aankomend eerste minister laafde Leterme zich aan de gerijpte politieke balanceerkunst van zijn christen-democratische medebroeder Jan Peter Balkenende en met name die van de CDA-spindoctor Jack de Vries, nu staatssecretaris van Defensie. ‘Ik heb een heel goed persoonlijk contact met Jan Peter Balkenende. Hij is in heel moeilijke omstandigheden de gids geworden waar Nederland nood aan had. En Jack de Vries heb ik leren kennen toen we campagne moesten voeren. Hij zegt de dingen zoals ze zijn, ook in termen van de praktische toepassing en de gevolgen van bepaalde keuzes die je maakt.’

In de bange dagen van november vorig jaar had Leterme het eventjes gehad met vicepremier Wouter Bos, die zei dat de slechte delen van Fortis wel naar de zuiderburen konden. Leterme belde terstond Jan Peter. ‘Ik vond het van Bos niet zo loyaal. Achteraf heb ik een uitleg gekregen en de volgende bladzijde is nu -gedraaid.’

Op zijn nachtkastje lag in die dagen van december 2008 Arthur Japins roman De overgave. Leterme wendt zich ook in moeilijke tijden tot literatuur. ‘Japin is een boeiend auteur. In De overgave is vergeving het thema. Hij beschrijft dat bijzonder goed. Ik vind dat er op dit moment in ons taalgebied heel goede boeken verschijnen.’

Ik zeg hem dat wij elkaar spreken op de dag af één jaar na de dood van de Vlaamse schrijver Hugo Claus. ‘Hugo Claus was een van onze grootste kunstenaars, vooral door zijn literatuur. Het verdriet van België is een fantastisch boek.’

Claus’ zelfgekozen dood – en vooral de wijze waarop de schrijver dat besluit etaleerde – schoot de aartsbisschop van Mechelen-Brussel, kardinaal Danneels, in het verkeerde keelgat. ‘Ik stond op dat moment, en nog altijd, meer aan de kant van Danneels dan aan die van de schrijvers die Claus’ dood als een zelfgekozen heldendaad verhieven en die de kritiek van de kardinaal beschimpten in plaats van het debat sereen te voeren. Ik zeg niet dat ze de dood van Claus hebben gebruikt, maar er is wel een overexposure geweest voor het bewust kiezen voor euthanasie.’

Morele autoriteit
Is België eigenlijk nog een te besturen land?

‘Het ís te besturen, maar het kan veel beter bestuurd worden mits een aantal hervormingen aan de staatsstructuur worden doorgevoerd. Tussen Vlaanderen en Wallonië bestaan fundamentele verschillen. Qua mentaliteit wonen er in België twee volkeren die geen gemeenschappelijke taal, krant of televisie-uitzending hebben, die ook niet dezelfde liedjes zingen. Er zouden aan die twee gemeenschappen veel meer verantwoordelijkheden en bevoegdheden gegeven moeten worden dan aan de gemeenschapsregering. Er moeten echt hervormingen komen om de -bestuurbaarheid te versterken.’

Hij noemt zich christen-democraat en cultureel-katholiek. ‘Ik ben niet wekelijks praktiserend. Daarin mankeer ik soms.’ Enkele recente uitspraken van de paus vond hij ‘minder’. ‘Ik houd respect voor de morele autoriteit van de paus, maar zeker in Afrika moet je de dingen onder ogen durven zien en maatregelen nemen om zo’n verschrikkelijke ziekte als aids tegen te gaan.’

Loopt de kerk achter in haar denken op dit vlak?
‘De paus dient effectief te strijden tegen de banalisering van menselijke relaties, maar de kerk moet ook erkennen dat de realiteit vergt dat men het condoomgebruik propageert.’

Als uiterst gerespecteerde kerkelijke iconen in zijn land noemt Leterme kardinaal Danneels en de mensenrechtenactiviste zuster Jeanne Devos van de congregatie van de Zusters van de Jacht. ‘Zuster Jeanne Devos is feitelijk een moderne pater Damiaan. Zij komt uit mijn streek, uit het Ieperse, en zij kiest heel doelbewust voor de armsten onder de armen, op risico van eigen leven en gezondheid. Jezelf geven voor de anderen is, denk ik, de mooiste menselijke daad die je kunt laten gebeuren en dat doet zij, dag in, dag uit. Ze heeft nu een vrij hoge leeftijd bereikt en ik sta nog steeds in bewondering voor haar werk in India. Jeanne Devos is zeker vastgeklonken in de harten van velen. Ze is een van die leidende voorbeelden van een ethische grondhouding die vergaande consequenties trekt om ernaar te handelen. Kardinaal Danneels is door de jaren heen een van de absolute morele autoriteiten in ons land geworden, vooral in een tijdsgewricht waarin het morele gezag van de kerk als instituut soms terecht, soms onterecht werd aangevallen. Ik denk dat hij dwars door die structuren heen pal staat, als een morele autoriteit.’

Mooie kop
Hij toont mij zijn ultramoderne racefiets van het Belgische merk Ridley. Hij fietst momenteel te weinig, klaagt hij. ‘Bij het fietsen maak je echt je geest leeg. Je krijgt nieuwe ideeën als je, zoals bij ons, uitwaaiert naar de kust, in weer en wind, vooral richting Koksijde. Ik kan ook niet gewoon fietsen, ik wil altijd snel fietsen, een bepaald ritme aanhouden en dan rap sprinten in de laatste kilometers. Dat zit toch in de aard van het beestje. Maar ja, ik ben nu 48, het wordt tijd het wat rustiger aan te doen. Ik heb een goede fiets van het Russische Katoesja-team hier in België van mijn vriend, oud-coureur André Tsjmil, met twaalf versnellingen.’

Zijn sympathie gaat ook uit naar ezels, die hij weliswaar niet houdt. Leterme houdt onder meer geiten. ‘De keren dat ik met een ezel op stap ben geweest, vond ik het een zeer trouw dier, vriendelijk, met een mooie kop. Ik zie graag de kop van een dier, bij een ezel is dat zo’n meewarig kijkende, betrokken kop. Het is niet het mooiste dier, maar het is een dier dat gemaakt is om graag gezien te worden.’

Verbeten
Ik vraag Leterme hoe het geweest moet zijn om je als eerste minister in België van crisis naar crisis te slepen. ‘Ik denk dat 2008 politiek en sociaal-economisch een van de moeilijkste jaren uit de geschiedenis van dit land is geweest. Trouwens, heel West-Europa was zwaar getroffen! Als je dan ook nog met een heel moeilijke coalitie zit, kom je sowieso uit op een politiek versnipperd landschap. 2008 was een bijzonder beproevend jaar.’

Hoe hield u het vol?
‘Het was te doen. Als je uiteindelijk dag en nacht werkt, dan kom je wel tot oplossingen.’

Laten we het in wielertermen houden: u had goesting!
‘Gisteren schreef een krant: “Leterme zit bij lange na nog niet kapot”, en ik geef toe dat ik nog wel wat krachten en reserves heb. Ik heb wel een effectieve goesting. Ik ben nogal verbeten, hardnekkig – dat is tegelijk ook een van mijn zwakke kanten.’

Bent u gelouterd door uw recente politieke tropenjaren?
‘Ik ben gelouterd maar anderzijds nog te veel rebellerend, revolterend. Dat stuk moet weg.’ Op 7 juni doet hij als lijstduwer mee aan de Vlaamse verkiezingen voor het regionale parlement. Voor Europa duwt hij de lijst van Jean-Luc Dehaene.’

Wat wordt na Milaan-San Remo uw volgende koers?
‘Ik heb net Dwars door Vlaanderen gedaan en we zijn nu in de Driedaagse van De Panne.’

Gaat u nog één of twee dagen met de Tour de France mee?
‘Eerst gaan we met onze Belgische coureurs een paar goede topklassiekers winnen, vóór de neus van de Nederlanders.’

Zó?
‘Ja, ik denk dat we met Tom Boonen en anderen die Nederlanders eens goed gaan aftroeven in onze eigen koersen.’

Maar met permissie, Yves Leterme: bij de laatste Olympische Spelen maakten uw landgenoten er helemaal niets van. Alleen hoogspringster Tia Hellebaut won goud!
‘Het leven bestaat uit het heden en de toekomst. Hier gaat het nu over wielrennen, en in onze klassiekers zijn wij, denk ik, door weinig Nederlanders te verslaan.’