Michiel van Erp



‘Ik ben niet geïnteresseerd in mensen die zichzelf succesvol vinden’

Hij wordt een gewonemensenfilmer genoemd. De Eindhovense winkelierszoon Michiel van Erp (45) maakt sinds jaar en dag spraakmakende televisiedocumentaires, zoals de Pretpark Nederland, Op avontuur en File.

Je hebt voor ‘File’ veel moeten wachten, al of niet in de file?
‘Ik heb er zo’n vijf dagen per week, twee maanden lang voor in de file gestaan, maar ik had het ervoor over. Al levert het slechts één shot op een ochtend, dan is dat de winst. Zo calculeer ik.’

Van Erps faam als documentairemaker kwam midden jaren negentig pas echt tot wasdom in de VARA-serie Lang leve... Het verzet, de Filipijnse bruid, de harmonie – Van Erp filmde de betrokkenen zoals ze waren, en vooral: oer-Hollands. ‘Het moesten verhalen zijn over hoop en verlangen, in die zin waren het ook altijd wel hoopvolle verhalen. Het waren in elk geval altijd heel gewone, alledaagse mensen die meer uit het leven probeerden te halen dan er ogenschijnlijk inzat. Het leverde ontroerende televisie op, maar het was vaak ook heel grappig.’

Snaaks?
‘Ja, alhoewel ik nooit denk: Jéé, wat verzin ik nu een grappige vraag! Ik vraag bij alle gesprekken en situaties gewoon wat er in me opkomt. Bovendien heb ik een rare stem, er zit altijd een soort ironie in. Misschien is het de onbevangenheid waarmee me ik opstel als programmamaker.’

Hij noemt zichzelf een hardwerkend, aardig mens. Inspirerend voor zijn collega’s van De Familie, zijn productiebedrijf. ‘Andersom geldt dat ook. Zij zijn ook heel inspirerend voor mij.’

Kordaat
Een katholieke opvoeding bij de paters in Eindhoven, maar bij Van Erp is die niet beklijfd. ‘Mijn ouders lieten ons volledig vrij in wat we met het geloof zouden doen. Ik heb ook geen H. Communie gedaan. Mijn moeder zei: “Daar moeten jullie zelf maar aan denken als je eraan toe bent, in plaats van dat je het doet omdat al je vriendjes het doen en omdat je dan veel cadeaus krijgt.”’

Het katholieke leven van nu filmen is er ook niet bij?
‘Ach, dat verhaal is al zo vaak verteld. Nee, ik heb helemaal geen trek om dat roomse, katholieke leven vast te leggen.’
Afkeer wellicht?

‘Nee, helemaal niet. Gewoon desinteresse.’

Hij was anders dan zijn broers in huize Van Erp. Michiel speelde liever met een wollen beer dan met auto’s. ‘Een beer is toch gewoon gezelliger. Ik heb nooit van auto’s gehouden trouwens. Ik vind er ook niks aan.’

Aan de Technische Universiteit in Delft studeerde hij industriële vormgeving. De Toneelschool achtte hem te jong en zonder veel levenservaring. ‘Misschien was dat ook wel zo.’ Zijn fascinatie als documentairemaker is het menselijke tekort, maar hij ontkent dat. ‘Het gaat mij meer om de fase waarin de mensen die ik portretteer zich bevinden. Dat is een fase tussen twijfel of het leven is wat je ervan hoopte en de strijdlust om er iets van te maken. Dat is meer dan het menselijke tekort. Ik ben veel meer geïnteresseerd in twijfelende mensen dan in mensen die zichzelf zeer succesvol vinden. Daar kan ik niet zo veel mee.’ Bij zichzelf onderkent hij geen manifeste -twijfel. ‘Ik zou mezelf vooral kordaat willen noemen. Ik ben iemand die altijd een beslissing neemt.’

Dat is helemaal bekend.
‘Dat is ook wel een beetje wat je als regisseur moet doen en moet kunnen, omdat je anders echt niet tot opnames komt, zullen we maar zeggen.’

Toneelstukje
Van Erp kijkt heel goed naar mensen. Hij noemt dat ‘het mooiste’ van zijn vak. ‘Ik vind het een enorm voorrecht om al filmend door het land te reizen, veel mensen te ontmoeten en in hun -levens te stappen. Je krijgt daar heel veel voor -terug. Ik kan geïnspireerd raken of denken: misschien moet ik het ook eens anders doen met mijn leven. Waarom doe ik het niet zo als die en die mevrouw die ik gefilmd heb? Het maakt mij eigenlijk rijker.’

Gaat het jou vooral om mensen die worstelen met het leven?
‘Nee, ik ga niet bewust twijfelaars opzoeken of mensen die in de knoei zitten. Maar ik ben wel altijd gelukkig als die struggle voor het leven om de hoek komt kijken: wanneer ben ik nu echt gelukkig? Over dat thema gaat het natuurlijk altijd. Ik maak die programma’s vanuit mijn eigen fascinatie.’
Jouw drive is dat je naar jezelf op zoek bent?

‘Ik ben niet naar mijzelf op zoek, maar ik wil wel mijzelf, mijn fascinatie of mijn twijfels vastleggen.’

Alles wat jij draait, lijkt zo terloops en moeiteloos opgenomen.

‘Ik vind het een compliment als je als kijker het idee hebt dat alles wat je ziet in de film, toevallig is of terloops gebeurt. Het hangt er bijvoorbeeld ook van af hoe je het monteert. Én: je probeert de mensen zo veel mogelijk op hun gemak te stellen of zichzelf te laten zijn. Ook al hangen er bij wijze van spreken twintig lampen boven hun hoofd en zijn de gordijnen allemaal afgeplakt met folie, dan nog moet je proberen om de ambiance goed te houden. Ik kan dat wel goed. Het moet ook allemaal echt zijn. Dat is een van de redenen waarom ik die mensen van tevoren niet gezien heb. Ik vind het heel raar als iemand mij een verhaal vertelt terwijl we aan het filmen zijn, waarvan hij weet dat ik het al weet, snap je. Je bent dan een soort toneelstukje aan het opvoeren. In die zin probeer ik het heel zuiver en eerlijk te houden.’

Ik herinner me jou in ‘Op avontuur’ op bezoek in Nigeria met een groep Nederlanders bij een gebedsgenezer.

‘Ja, ongeveer twintig mensen die allemaal ernstig ziek waren: kanker, geen kinderen kunnen krijgen, verslavingen. Zij verbleven tien dagen bij een gebedsgenezer in Nigeria om via gebedsgenezingen beter te worden. Het was een heel arme wijk en het land zelf was uiterst gevaarlijk. Terwijl de mensen in de bus Jezusliedjes zongen, werden we onder bewaking met zwaaiende geweren door Nigeria naar het huis van de gebedsgenezer geloodst. Ik wilde dat graag filmen, omdat je naar mijn idee toch wel heel erg graag beter moet willen worden als je deze onderneming aangaat. Ik had zelf ook het idee: dit gaat lukken, terwijl je eigenlijk weet: dit kán helemaal niet. Ik herinner me dat op een gegeven moment de duivel eruit moest. Dat ging kotsend en poepend. Alles gebeurde! Op een gegeven moment werd er omgeroepen dat er iemand in de ruimte was die problemen had met zijn seksualiteit. Toen dacht ik echt: ik word geroepen! Ik word geroepen.’
Had jij dan problemen met je seksualiteit?

‘Nee, maar ik dacht: hij heeft het over mij! Toen stond er iemand op, hij ging naar voren en zei dat hij inderdaad weleens verlangde naar seks met mannen. Nou ja, die man werd natuurlijk onmiddellijk genezen! Het was doodeng. En -uiteindelijk is er natuurlijk niets veranderd met die mensen.’ 

Hoogtepunt
Hij toont mij zijn trouwring. Dit voorjaar trouwde Michiel van Erp met Paul. ‘Dat was echt een onverwacht hoogtepunt in mijn leven, omdat ik niet gedacht had dat ik ooit nog zou trouwen. We zijn vijfentwintig jaar bij elkaar en in één keer ontstond het idee om te trouwen. Het is een gouden ring met briljantjes. Ach, het materiaal is niet zo belangrijk. De ring is door mijn schoonzus gemaakt, zij is edelsmid. En hier mijn telefoon. Zonder telefoon zou ik niet meer kunnen leven. Ik had een iPhone, maar die is een paar weken geleden ontploft. Ik ben nu weer gewoon terug bij mijn oorspronkelijke -Nokia-telefoontje.’ 

Zinloosheid
De documentaire File maakt hij in opdracht van de vereniging Nederland Bereikbaar, de première was op het Nederlands Filmfestival en de NCRV zendt hem uit, drie dagen voor de Nationale Filevrije dag, donderdag 9 oktober. ‘Nederland Bereikbaar vroeg mij of ik een film over files wilde maken, met name over de zinloosheid ervan. Ik ben daarna een beetje afgegaan op mijn eigen gevoel. Als je in de file staat, kijk je naar de auto’s links en rechts: wat gebeurt er in die auto’s, wie zijn het, waar denken ze aan? Wij Nederlanders reageren niet zo agressief op files als in omliggende landen. We hebben het gewoon onderdeel gemaakt van ons leven. Een file is natuurlijk verspilde tijd en ook al kom je tot rust in die auto, dan nog kun je veel beter ergens anders tot rust komen, lijkt me. Ik ben meegereisd in de file en dan blijkt dat veel mensen die file gebruiken voor bespiegelingen over hun eigen leven. Eigenlijk is de file het enige moment van de dag dat ze alleen zijn. Thuis hebben ze vaak een vrouw en jengelende kinderen en op kantoor een baas en collega’s, in die auto zitten ze alleen. We praten eigenlijk over de toestand van het leven.’

En waar noopt dat toe?
‘Och, dat gaat over liefde en dood, over hoop en verlangen.’

Worden wij daar vrolijk van?
‘Het is een heel vrolijke film, maar ook een zeer ontroerende film. Er zijn mensen bij die in de auto een cursus Spaans volgen. In de film zit een vertegenwoordiger die moslim is geworden. Hij luistert in de auto naar allerlei lezingen over de islam. Zo verrijkt hij zijn kennis.’

Is er op filevlak iets veranderd bij jou?
‘Ik ben er wel achter gekomen dat het vooral jouw eigen verantwoordelijkheid is dat je in die file staat. Je kunt wel leuk naar de regering wijzen, maar je zult toch je eigen gedrag moeten veranderen, wil je er niet in staan.’