Tamarah Benima


Andersdenkenen, 31 augustus 2008, 14:02 uur

"Gerard Klaasen ontvangt in Andersdenkenden zondag de nieuwe liberale rabbijn Tamarah Benima. De Liberaal-joodse gemeenschap in Nederland vierde deze week een heuglijk feit: maar liefst 5 nieuwe abbijnen werden in Den Haag geïnstalleerd om in Nederland de rabbinaal-pastorale taken aan te vatten. Onder hen Tamarah Benima (58), in het verleden schrijfster/columniste, fysiotherapeute en hoofdredacteur van het Nieuw IsraëlitischWeekblad.

Tussen 1992 en 1999 schreef ze een boek over religie, liefde en creativiteit onder de titel "Een schaap vangen" waarin ze haar inzichten over het soefisme onder het voetlicht bracht. In het boek "Moderne Devoties" - Vrouwen over geloven leverde ook Benima een bijdrage. "Ook ik ben een kind van de Verlichting. Geloven in God, zonder enige twijfel, zonder enige reflectie, als een totale vanzelfsprekendheid waaraan niet te tornen valt, heb ik dat ooit gedaan? Ik kan het me niet herinneren".

Haar bevoegdheid als liberaal-joodse rabbijn is een lang gekoesterde wens van Benima, zij is daarmee én van de eerste vrouwen in Nederland. Haar opleiding heeft zij ook vrijwel geheel in Nederland gedaan. Het is heel raar om die droom om rabbijn te worden nu verwerkelijkt te zien worden, via een ingewikkelde omweg".

In het Friesch Dagblad zegt ze: Als "loodgieter van de ziel" wil ik mensen helpen om zicht te krijgen op hun joodse binding en cultuur". Haar moeder bracht naar haar zeggen het joods-religieuze element in huis. "Ik leerde zo de voedsel wetten kennen maar niet heel strikt. Mijn vader bracht het intellectuele jodendom in huis, hij was meer van willen-weten-hoe-het-zit". Ze kreeg feitelijk geen intensieve joods-religieuze opvoeding mee maar het gezin waarin ze opgroeide was doordrenkt van jodendom. ,,Mijn grootouders waren heel gematigd. Mijn grootvader had bijvoorbeeld op zaterdag zijn winkel open. De grootouders van mijn vaders kant waren atheïstisch, maar wel heel joods".


(foto: rkk)

Ondanks de sterke joodse identiteit van haar ouders groeide Benima naar zij zegt "op afstand" van het jodendom op. Ze ging niet naar joodse scholen of naar joodse jeugdverenigingen. ,,Ik ben met meer vervreemding opgegroeid dan goed is voor een mens. Ik voelde me een eenling. De roodharige in het dorp van blonden", aldus Benima in het Friesch Dagblad. Toen zij in 1980 aantrad als redacteur bij het NIW (Nieuw Israëlitisch Weekblad) stortte zij zich op de brede culturele, historische en religieuze traditie van het jodendom. In 2003 begon ze haar studie aan het toen net opgerichte Levisson Instituut.

De LJG (Liberaal-joodse Gemeenschap) telt negen liberaal-joodse gemeenten. Benima werkte al twee jaar als rabbijn-in-opleiding in de Progressief-Joodse Gemeente Noord Nederland (voorheen Liberaal-Joodse Gemeente Noord Nederland met sjoel diensten in Zuidlaren.  De kans dat Benima rabbijn van een gemeente wordt is klein: "Onze gemeenten hebben nauwelijks geld”. Benima ziet het als een van haar belangrijkste taken als rabbijn om contact te maken met de tachtig procent joden die bij geen enkele gemeente zijn aangesloten. Daarover zegt zij: ,"Heel veel joden hebben geen flauw idee van de rijkdom van hun traditie: van de geschiedenis, de inspirerende religieuze teksten, de seculiere joodse literatuur, de sociale wereld van het jodendom, en hoe hun ouders hebben geleefd. Ik kan vertellen dat het prettig is om daar iets over te weten te komen en daarmee je weg te gaan. Ik ben iemand die onderkent dat mensen in verrwarring zijn over wie ze zijn, en ik wil mensen helpen om door hun vragen heen te gaan: ‘Hoezo is het prettig om jood te zijn; en wat moet je daar dan mee?’ Ik houd ervan om mensen iets meer lucht te geven.” Hoe ze dat precies gaat doen, weet ze nog niet. ,,Ik heb nog geen bord aan de deur hangen. De tijd zal leren of mensen mij weten te vinden".  Benima werkte al twee jaar als rabbijn-in-opleiding in de Progressief-Joodse Gemeente Noord Nederland (voorheen Liberaal-Joodse Gemeente Noord Nederland) met sjoeldiensten in Zuidlaren. De kans dat Benima rabbijn van een gemeente wordt is klein: "Onze gemeenten hebben nauwelijks geld”.

Benima ziet het als een van haar belangrijkste taken als rabbijn om contact te maken met de tachtig procent joden die bij geen enkele gemeente zijn aangesloten. Daarover zegt zij: ,"Heel veel joden hebben geen flauw idee van de rijkdom van hun traditie: van de geschiedenis, de inspirerende religieuze teksten, de seculiere joodse literatuur, de sociale wereld van het jodendom, en hoe hun ouders hebben geleefd. Ik kan vertellen dat het prettig is om daar iets over te weten te komen en daarmee je weg te gaan. Ik ben iemand die onderkent dat mensen in verwarring zijn over wie ze zijn, en ik wil mensen helpen om door hun vragen heen te gaan: ‘Hoezo is het prettig om jood te zijn; en wat moet je daar dan mee?’ Ik houd ervan om mensen iets meer lucht te geven.” Hoe ze dat precies gaat doen, weet ze nog niet. ,,Ik heb nog geen bord aan de deur hangen. De tijd zal leren of mensen mij weten te vinden".

Andersdenkenden zondag 31 augustus, 14.02 uur radio 5