Doekle Terpstra
‘Ik wil proberen zo authentiek mogelijk bij mijzelf te blijven’
Hbo-voorzitter Doekle Terpstra (52) is ’s lands onbetwiste bruggenbouwer. De oud-CNV-voorzitter werd het gezicht van de tegenbeweging tegen de verwildering van Nederland. Zijn boek Benoemen en bouwen is de samengebalde vuist van wat er wél goed is aan onze multiculturele samenleving.
Zullen wij afspreken dat wij gedurende dit gesprek een kwantum aannemen voor wat betreft het uitspreken van de naam Geert Wilders?
‘Wat mij betreft hoeft die naam helemaal niet over de lippen te komen. Klaar!’
Hij was de afgelopen dagen samen met zijn dochter in Rome, die
in het kader van haar hbo-opleiding bezig is met het vak kunstgeschiedenis. ‘Ja, ik wilde zo graag de Sint-Pieter en de Sixtijnse Kapel zien. Ik wilde graag zien wat die katholieke
traditie allemaal heeft voortgebracht. Rome is een onuitputtelijke bron van cultuur en rijkdom! We hebben de paus gezien toen hij op het plein een mis opdroeg.’
Had Benedictus XVI uw boek ‘Benoemen en bouwen’ al gelezen?
‘Há, ik heb hem niet gesproken. Ik was zeer onder de indruk van de eenheid die zich op dat plein manifesteerde, van al die mensen uit de hele wereld bijeen. Ik werd daar helemaal
warm van. Maar ik zou niet katholiek kunnen worden, omdat ik niet uit de voeten kan met dat beeld van iemand die plaatsvervanger op aarde is. Alsof iemand door de Almachtige zelf op aarde is
neergezet om plaatsvervangend de kerkelijke religie te bestieren in afwachting van de wederkomst van Christus.’
Hij is gereformeerd van huis uit, geworteld in de antirevolutionaire traditie: kerk, staat en samenleving met elkaar verbonden. ‘PKN’er (Protestantse Kerk in Nederland, red.) zoals ik dan nu na de kerkelijke fusie moet zijn, gaat mij niet lukken. Ik krijg niet dat doorleefde gevoel dat ik bij dat gereformeerd-synodale wel had.’
Verzetsdaad
Op 28 november 2007 reed Terpstra naar huis en zei tegen zijn vrouw: ‘Ik moet iets van mij af schrijven.’ Het werd een opiniestuk in Trouw op een dag dat er in Nederland
gesproken werd over de Koran als fascistoïde boek. ‘Ik dacht: wat gebeurt hier allemaal? Dit is stigmatiseren van een grote groep mensen die een deel van hun identiteit ontlenen aan
een boek dat hun heilig is, zoals de Bijbel voor mij heilig is. En dat laten wij gewoon gebeuren! Waarom staan leiders van maatschappelijke organisaties niet op om juist die mensen een hart
onder de riem te steken en ook om een beroep op redelijkheid en dialoog te doen? Alsof wij in Nederland zouden zijn doorgeslagen in tolerantie.’
Begin januari deed hij, met allerlei sympathisanten als Foppe de
Haan en Elco Brinkman, een paginagrote oproep in Trouw om ‘de problemen in de samenleving te benoemen’. Het werd groter dan hij wilde. ‘Veel en veel groter! Maar met de
wetenschap van vandaag zeg ik: “Wat ben ik blij dat het zo groot is geworden!” Die enorme massiviteit en heftigheid die het opriep heeft mij ongelooflijk verbaasd. Mijn pleidooi om
te stoppen met het polariseren en het populisme kreeg een impuls om na te denken over wat er in Nederland wél goed gaat.’
Het boek ‘Benoemen en bouwen’ dat op 9 april gepresenteerd werd, is het resultaat van de actie.
‘Dat statement op 2 januari in Trouw vond ik bijna een verzetsdaad. Er is ook maar één krant waar dat bij past: Trouw! Op het moment dat het een activiteit op
straat zou zijn geweest, zeg een demonstratie op het Museumplein, ben ik ervan overtuigd dat mensen zouden afhaken.’
Niettemin staat de PVV in de opiniepeilingen op twaalf zetels en Rita Verdonk op vijfentwintig!
‘Ja, dat is zo. Dat moeten we ook helemaal niet ontkennen. Er is kennelijk in Nederland iets aan de hand wat we tot op de dag van vandaag niet echt een plek kunnen geven. Als je kijkt
naar de populistische oneliners van sommige politieke partijen, lijkt het erop dat de problemen met een knip van de vinger opgelost kunnen worden, maar zo werkt dat nu eenmaal niet. We moeten
niet de kracht van ons samenleven willen verliezen. Vorige week was het 5 mei en ik zat mij in de auto af te vragen: zou die potentiële aanhang van Rita Verdonks Trots op Nederland
die dag allemaal de vlag uit hebben hangen? En op 4 mei halfstok? Want we zijn toch allemaal zo trots op Nederland? Ik waag dat zeer te betwijfelen. Veel mensen die zeggen trots te zijn op
Nederland zijn in feite boos op Nederland! Wij moeten die boosheid zien te kanaliseren. Ik heb een rotsvast vertrouwen in de kracht van Nederland op het gebied van verdraagzaamheid, tolerantie,
op het gebied van de verbinding tussen mensen in de wijken. Ik weiger mij mee te laten drijven op de populistische oneliners die de oplossing voor Nederland zouden bieden, maar die een absolute
illusie zijn.’
Kunt u ongemankeerd nog weleens een goeie moslimgrap maken?
‘Natuurlijk, hoewel ik niet iemand van de grappen en grollen ben. Zoals ik grappen over gereformeerden kan maken, kan ik die natuurlijk ook over moslims maken. Je moet de zaken ook kunnen
relativeren. Het gaat erom dat er in de achterliggende periode een beeld van Nederland is gecreëerd alsof we geconfronteerd zijn geworden met enorme bedreigingen van buitenaf en alsof hier
van binnenuit de rechtsorde wordt uitgehold vanwege het feit dat we 900.000 moslims hebben. Ónzin.’
Prekerig
Zijn ongelooflijke verbale kwaliteit ziet Terpstra als deel van zijn vak. Deep down lijkt hij mij een dominee. Navraag leert dat hij ooit overwoog -theologie te gaan studeren. ‘Ik
ben ook wel een beetje prekerig af en toe, en moralistisch.’ In Nijmegen pleitte hij enkele jaren geleden, tijdens de Titus Brandsma-lezing, voor meer aandacht voor levensbeschouwelijke
verhalen. ‘Ja, en dat zeg ik tot op de dag van vandaag. Onze samenleving is uiterst complex geworden. De vraag is: hoe houd je dat als samenleving bij elkaar? Grote begrippen als
vrijheid, gerechtigheid, vrede en democratie zijn niet vanzelfsprekend meer. Er moet gewoon elke dag opnieuw ongelooflijk hard voor gewerkt worden.’
Als lid van de Raad van Toezicht van de Publieke Omroep zit u heel dicht bij ons.
‘Ja, dat is erg leuk om te doen. Ik geniet daar geweldig van. Soms hoor ik bij de Raad van Bestuur dat beeld weleens langskomen van Hilversum als “dat dorp”. Het is een
prachtige metafoor van wat daar in Hilversum allemaal gebeurt, die geweldige kakofonie aan opvattingen.’
Als u NCRV-programma’s vergelijkt met KRO-programma’s, waar komt u dan uit?
‘Ik vind de grote kracht van de KRO dat die door de jaren heen op een sprankelende manier bezig is geweest met het thema identiteit. De KRO heeft een aantal prachtige identiteitsdragers
die op een buitengewoon actuele manier proberen vorm te geven aan wat het betekent om een katholieke omroepvereniging in Nederland te zijn.’
Bent u al lid?
‘Ik ben lid van de NCRV, al dertig jaar. Ik ben trouw in mijn lidmaatschappen.’
Keuterboertje
Hij toont mij het horloge van zijn vader die in Witmarsum een boerenbedrijf had. Hij werd in de jaren zeventig slachtoffer van ruilverkaveling als gevolg van de toenmalige Mansholt-operatie.
‘Mijn vader overleed 22 jaar geleden. Ik draag dat horloge niet, het loopt ook niet meer, maar het is mij zeer dierbaar omdat de aarde en het zweet als het ware nog aan dat horloge
kleven. Ik heb dat zo willen laten, want mijn vader was erg verbonden met de aarde. Hij wroette altijd in de grond. Hij was een keuterboertje en dat heeft hij uiteindelijk niet overleefd. Het
was niet zozeer het feit dat hem zijn inkomen werd afgenomen, maar dat hem een deel van zijn identiteit als boer werd afgenomen. Mijn vader is later in een fabriek gaan werken die weer gesloten
werd, wéér slachtoffer van de omstandigheden. Hij kreeg kanker en was emotioneel zwaar geraakt door wat hem in het leven overkwam. Dit zilveren kettinkje kreeg ik in 1978 van mijn
dierbare Jolande. Ik draag het permanent. Het kruissymbool en die ketting is mij al dertig jaar zeer dierbaar. Het manifesteert niet alleen de emotionele verbinding met haar, maar
tegelijkertijd ook mijn verbinding met de Eeuwige. Soms zijn er momenten dat het even gerepareerd moet worden en dat voelt dan erg naakt aan. Ik wil hem ook snel weer terug.’
Elfstedentocht
Bent u een strateeg?
‘Ik kan strategisch denken. Als je niet strategisch denkt, red je het niet in de functies die je bekleedt. Ik ben tegelijkertijd ook iemand die rotsvast gelooft in de kracht van
intuïtie. Ik wil proberen zo authentiek mogelijk bij mijzelf te blijven.’ Hij erkent iemand van de eerste rij te zijn, al beseft hij dat het dan lijkt alsof hij op een heel verwaande
manier naast zijn schoenen loopt: laat mij het maar doen. ‘Ik ben iemand van de eerste rij, dat is zo. Ik manifesteer mij graag. Ik piek graag. Ik zoek de grenzen op. Het heeft ook te
maken met het idee van: begraaf de talenten niet die je in je hebt. Dat is heel erg gereformeerd, maar ik koester dat gereformeerde stukje ook wel een beetje. Ik ben ambitieus in de zin van: ik
wil het potentieel in mijzelf niet begraven. En soms heb ik daar ook last van. Dan vind ik het ook wel een irritante eigenschap van mezelf. Op het moment waarop ik hardloop, wil ik de marathon
lopen. Als ik schaats wil ik de Elfstedentocht rijden. Als ik in de bergen zit, dan wil ik de Mount Everest beklimmen en als ik fiets, dan wil ik langeafstandfietsen. Ik wil verkennen wat ik
kan én waar de grenzen liggen, zonder over het randje te tuimelen. Dat initiatief van Benoemen en bouwen is wat men noemt: practice what you preach. Verbinden is het
sleutelwoord dat mij drijft. Ik probeer op de plaatsen waar ik bezig ben, mensen te verbinden, bruggen te slaan, in plaats van kloven te creëren.’
Het is ons gelukt. We hebben in dit interview geen enkele keer de naam van Geert Wilders -genoemd!
‘Ja! Dat betekent dat we wel degelijk een antwoord kunnen geven op de verwildering in -Nederland.’


