De Korte: bekijk rol celibaat bij misbruik
Hilversum (Van onze redactie) 18 april 2010 - De onafhankelijke commissie die in opdracht van de Nederlandse Bisschoppenconferentie onderzoek gaat doen naar seksueel misbruik in rk-instellingen, zou zich ook moeten buigen over de vraag of bij de dader het celibaat een rol heeft gespeeld. Dat schrijft bisschop Gerard de Korte gisteren in een opiniebijdrage in het Nederlands Dagblad.
Eerlijk
Seksueel misbruik vindt overal in de samenleving plaats. Daarnaast stellen deskundigen dat niet zozeer het celibaat, maar de sterk hiërarchische machtsverhoudingen in een gesloten milieu
de oorzaak van het misbruik zijn, schrijft De Korte. “Maar heeft het celibaat dan geen enkele rol gespeeld bij het misbruik? Ik denk dat wij deze vraag eerlijk onder ogen moeten zien. Het
lijkt mij in ieder geval een goede vraag voor de onderzoekscommissie.”
Deetman
De Korte is bisschop van Groningen-Leeuwarden en namens de Nederlandse bisschoppenconferentie het aanspreekpunt over het onafhankelijk misbruikonderzoek. Onder leiding van
oud-minister Wim Deetman wordt momenteel dit onderzoek voorbereid. De commissie-Deetman is belast met het formuleren van de onderzoeksvragen, het vaststellen van onderzoeksmethoden en
–velden, de bemensing van de commissie die het daadwerkelijke onderzoek moet gaan verrichten en het vaststellen van een tijdlijn. Deetman moet bovenal waarborgen dat het onderzoek
“onafhankelijk, zorgvuldig en transparant” is.
Historische dimensie
Volgens de bisschop mag het onderzoek niet voorbijgaan aan de “historische dimensie”. “Binnen katholieke kring heerste tot ver in de jaren zestig bij menigeen een
antilichamelijke houding. Seksualiteit was voor velen een noodzakelijk kwaad en op een breed front bestond er preutsheid.”
Pedoseksuele geaardheid
De Korte: “In die situatie hebben veel geestelijken zonder een intense toeleiding de celibaatgeloften afgelegd. Het was vooral iets van het hoofd en
nauwelijks van het hart. Gevreesd moet worden dat ook mensen met een verdrongen pedoseksuele geaardheid binnen de internaten hebben gewerkt.”


