Paus doet handreiking naar atheïsten
Hilversum (Van onze redactie) 22 december 2009 - Paus Benedictus XVI wil in de Kerk ruimte creëren voor atheïsten en andersgelovigen. Bovendien pleit hij voor meer afstand tussen kerk en politiek. Dat blijkt uit zijn jaarlijkse kersttoespraak tot de leden van de Romeinse Curie, die hij gisteren hield. Daarin sprak hij over de gebeurtenissen van het afgelopen jaar aan de hand van de pauselijke reizen die hij dit jaar ondernam.
Voorhof der heidenen
Naar aanleiding van zijn bezoek aan de Tsjechische Republiek zei de paus het zeer belangrijk te vinden dat mensen die zichzelf als “agnostisch of atheïstisch” zien, met de Kerk
verbonden blijven. Analoog aan het deel van de tempel van Jeruzalem dat bestemd was voor niet-Joden die wilden bidden tot de ene, onbekende God, de zogenaamde “voorhof der
heidenen”, pleitte de paus voor een vergelijkbare ruimte in de Kerk: “Ik denk dat de Kerk ook vandaag een soort voorhof voor ongelovigen zou moeten openen.”
Laïcité positive
Verder pleitte de paus in zijn toespraak voor een positieve scheiding van kerk en staat (“laïcité positive”), om praktisch en realistisch te kunnen opereren zonder
in politiek vaarwater terecht te komen. Deze scheiding moet volgens Benedictus echter wel “op juiste wijze worden beoefend en geïnterpreteerd”, waarbij hij verwees naar zijn
derde encycliek Caritas in Veritate.

Benedictus spreekt de Romeinse Curie toe in de Sala Clementina. Foto: AFP/ANP
Afrikaanse verzoening
Het kerkelijk jaar 2009 stond volgens Benedictus XVI in teken van het continent Afrika, vanwege zijn apostolische reis naar Kameroen en Angola, en vanwege de
Bijzondere Bisschoppensynode over Afrika die in oktober in het Vaticaan gehouden werd. De liturgische vernieuwing en de ecclesiologie van het Tweede Vaticaanse Concilie hebben volgens de paus
in Afrika “op voorbeeldige wijze” vorm gekregen. Maar op het gebied van verzoening, gerechtigheid en vrede moet de Kerk in Afrika nog veel praktische stappen zetten en is er volgens
de paus “huiswerk” te doen voor de bisschoppen.
Europa voorbeeld voor Afrika
Benedictus XVI noemde de geschiedenis van Europa sinds 1945 een “positief voorbeeld” van een geslaagd verzoeningsproces, gebaseerd op
“intelligente en ethisch georiënteerde politieke en economische structuren”. Die werden volgens hem echter wel voorafgegaan door “innerlijke processen van
verzoening”. De paus stelde dat het onmogelijk is duurzame vrede en verzoening te bereiken zonder “het vermogen schuld te erkennen”.
Biecht
Zoals God de mensen in Christus tegemoet komt, zo moeten mensen volgens de paus de eerste stap naar een ander toe zetten en afzien van het eigen gelijk. We moeten “de illusie dat we
onschuldig zijn van ons afschudden”. Schuldbesef, boetedoening en vergeving hoort voor alle mensen bij elkaar. In het licht hiervan pleitte de paus voor herstel van het goeddeels in
onbruik geraakte sacrament van verzoening, de biecht.
Geen politici maar herders
Speerpunt van bisschoppelijke beleid in Afrika moet volgens de paus “innerlijke verzoening” worden. De Afrikaanse Kerk moet een vertaalslag
maken van Schrift en Traditie naar het concrete pastoraat in een bepaalde plaats in een bepaalde tijd. Bisschoppen en priesters mogen hierbij niet “toegeven aan de neiging de politiek
persoonlijk ter hand te nemen”, anders veranderen zij “van herders in politieke gidsen”.
Heilig Land
Paus Benedictus sprak in zijn toespraak ook over zijn bezoek aan het Heilig Land. Hij zei erg goed ontvangen te zijn in het Nabije Oosten, zowel door de regeringen van Jordanië en
Israël, als door de Palestijnse Autoriteit. De koning van Jordanië prees hij voor diens inzet “voor het vreedzaam samenleven van christenen en moslims, voor het respect in de
ontmoeting van de ene religie met de andere en voor de samenwerking in gemeenschappelijke verantwoordelijkheid naar God”.
Yad Vashem
“Alles wat je in deze landen ziet, roept om verzoening, gerechtigheid en vrede”, aldus de paus. Het Holocaust-gedachteniscentrum Yad Vashem noemde hij “een herdenkingsmonument
tegen de haat”. Het bezoek aan Bethlehem, Nazareth en Jeruzalem bevestigde voor de paus dat “het geloof geen mythe is”, maar “een werkelijke geschiedenis”, waarvan
je de sporen met je hand kunt aanraken.


