Economische crisis begint kerken te raken
Hilversum (ANP) 15 januari 2009 - De kerken beginnen de gevolgen van de economische problemen te voelen. De hulporganisatie Kerk in Actie van de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) heeft in december minder ontvangen dan in andere jaren. Dat zei directeur Haye Feenstra van het landelijk dienstencentrum van de PKN vandaag in Utrecht bij de presentatie van de jaarlijkse actie Kerkbalans.Lagere rendementen
Feenstra wijt de lagere opbrengst aan de veel lagere rendementen van de beleggingen van de plaatselijke diaconieën. Vorig jaar profiteerden de kerken van de economische bloei. Ondanks een dalend ledental zijn de opbrengsten van de PKN en de RK-Kerk naar verwachting met bijna 2 procent gestegen. Dat cijfer is gebaseerd op gegevens van ruim een derde van de protestantse gemeenten en de helft van de rooms-katholieke parochies.
Kerkbalans
Emile Duijsens, econoom van het bisdom Haarlem, constateerde dat de lagere opbrengst uit beleggingen ook de Rooms-Katholieke Kerk parten speelt. Hij verwacht overigens geen grote effecten van de crisis op de opbrengst van de actie Kerkbalans. De grootste groep gevers zijn ouderen en die zijn naar zijn idee minder gevoelig voor de economische problemen dan mensen die jonger zijn. Aan Kerkbalans nemen vijf kerken deel.
Guller
Van de 1.793 protestantse gemeenten doen er ongeveer 1400 elk jaar aan Kerkbalans mee. Van 518 gemeenten, met in totaal bijna 760.000 leden, zijn de bedragen die kerkleden in 2008 hebben toegezegd, bekend. De toezeggingen stegen van iets meer dan 67 miljoen in 2007 naar ruim 68 miljoen. Vooral in Zeeland toonden de leden zich guller dan in in 2007. Gemiddeld zegde een kerklid vorig jaar 215 euro toe.
Bijdragen
Dat bedrag ligt traditioneel in de RK-Kerk veel lager. In 2007, het laatste jaar waarover de Kerk exacte cijfers heeft, was het toegezegde bedrag 32 euro per gemiddelde gever. De rooms-katholieke parochies halen ruim een derde van hun inkomsten uit Kerkbalans. De overige inkomsten komen van beleggingen, collecten en de vergoeding voor kerkelijke diensten, zoals bijdragen voor huwelijksdiensten en uitvaarten.


