Vrouwbeeld werd in middeleeuwen steeds slechter

Hilversum (ANP) 2 mei 2008 - Al vanaf de oudheid werd het vrouwelijke in verband gebracht met negatieve eigenschappen. In de middeleeuwen werd de vrouw steeds slechter. In een aantal boeken uit de twaalfde eeuw werd zij symbool van het zinnelijke en wispelturige dat uit de rationele mens moet worden verwijderd. Dat blijkt uit het proefschrift You shall surely not die, waarop cultuurhistorica Jill Bradley op 4 juni promoveert aan de Radboud Universiteit in Nijmegen.

Schepping van Eva
Zij beschrijft daarin aan de hand van de verbeelding van de schepping van Eva in handschriften uit Noord-West Europa tussen 800 en 1200, hoe het beeld van de vrouw steeds slechter wordt. Eva wordt steeds meer ondergeschikt aan Adam.


Fragment van 'Eva, de Slang en de Dood' van Hans Baldung Grien (1512) 

Goddelijke vonk
In de meeste prenten uit de negende eeuw is er nauwelijks verschil tussen Eva en Adam. Zij hebben hetzelfde gezicht, dat van God. Eva is een onafhankelijke schepping van God en heeft dezelfde goddelijke vonk als Adam. Ongeveer 150 jaar later krijgen Adam en vooral Eva seksuele kenmerken. Zij heeft vaak grote borsten en haar gezicht en lichaam zijn 'vrouwelijk'. Haar gelijkenis met de man en met God is verdwenen en zij is een deel van Adam, uit wiens zijde zij ter wereld komt.

Zwak en zondig
Later in de twaalfde eeuw staat de God van de schepping verder van de mens, zeker als het om de schepping van Eva gaat. God is niet eens aanwezig, alleen zijn hand geeft het bevel door. Eva vertegenwoordigt een deel van de mens dat 'anders', zwak en zondig is. In twee werken die Bradley heeft bestudeerd, komt niet een vrouw, maar een vrouwelijk hoofd op het eind van een slangachtig touw te voorschijn.