Wonderbloed Sint Januarius vloeibaar bij pausbezoek

Hilversum (Van onze redactie) 21 oktober 2007 - Paus Benedictus_XVI heeft vandaag aan het slot van zijn pastorale bezoek aan Napels de relieken van Sint Januarius in de naar deze heilige genoemde domkerk geëerd. Ook kuste hij de monstrans met daarin het vermeende bloed van de martelaar uit de 3e/4e eeuw.

Napolitaans volksgeloof
Ieder jaar op de drie feestdagen van deze patroonheilige van Napels, zou diens gestolde bloed weer vloeibaar worden. Wetenschappers staan sceptisch tegenover dit fenomeen. Volgens de Napolitaanse volksdevotie echter is het een slecht voorteken als het bloed die dagen niet vloeit. Ter gelegenheid van het pausbezoek werd de bruinrode substantie ook vandaag aan het volk getoond en bleek ook nu de vloeibare vorm aan te hebben genomen.

Beenderen
De Heilige_Vader werd vanmiddag naar de kathedraal vervoerd in de pausmobiel achter kogelvrij glas. Hij werd vergezeld door de aartsbisschop van Napels, kardinaal Crescenzio Sepe. In de Sint-Januariusdom (Duomo San Gennaro) stonden leden van de Napolitaanse clerus hem op te wachten. Na het gebruikelijke eerbetoon werd de paus naar het hoogaltaar geleid, waar voor de gelegenheid de beenderen van Sint Januarius uit de schrijn waren gehaald.

Slecht weer
Na het korte bezoek aan de kathedraal vertrok de paus met zijn gevolg naar de haven. Daar stond een helikopter klaar die om 17.00 uur opsteeg om de paus terug naar Rome brengen. Het weer in Napels was vandaag slecht met veel regen en wind. Duizenden gelovigen trotseerden dit om een glimp van de Romeinse pontifex op te vangen.

Vesuvius
Het mirakelritueel rond San Gennaro vindt drie keer per jaar plaats: op de zaterdag vóór de eerste zondag van mei, op 19 september en op 16 december. Op de laatste datum wordt herdacht dat Januarius Napels zou hebben gevrijwaard van een ramp na de uitbarsting van de Vesuvius in 1631.

Martelaar
Volgens de overlevering was Januarius bisschop van Beneventum. Samen met andere christenen zou hij in Napels de marteldood zijn gestorven. Dat zou gebeurd zijn ten tijde van de kerkvervolging van keizer Diocletianus, omstreeks het jaar 305.

Alchemie
De laatste decennia hebben diverse wetenschappers geprobeerd het bloedmirakel te verklaren. In 1991 trachtte professor Luigi Garlaschelli, een biochemicus uit Pavia, het fenomeen in een laboratorium te reproduceren. Garlaschelli concludeerde na zijn onderzoek dat het mirakel niets anders is dan een truc van een middeleeuwse alchemist. Het bloed in de ampullen zou geen bloed zijn, maar een brouwsel dat vloeibaar wordt zodra je ermee begint te schudden. Nog steeds is echter niet bewezen dat de vereerde substantie inderdaad nepbloed is. Onderzoek is niet mogelijk, omdat de aartsbisschop van Napels geen toestemming geeft de stof aan een wetenschappelijk onderzoek te onderwerpen.