Haffmans: 'Ik moest geofferd worden'


Hilversum (Van onze redactie) 15 september 2007 -
De op 28 juli overleden oud-deken Joep Haffmans van Gulpen zag zichzelf als de zondebok. ?Om het vertrouwen van de mensen in de kerk terug te winnen moest ik geofferd worden?. Dat zei hij in februari in een vier uur durend vertrouwelijk gesprek met twee redacteuren van het Limburgs Dagblad. Op basis van die geheime ontmoeting publiceerde de krant vandaag wat zij noemt ?een postuum weerwoord? van de van grootschalige verduistering van kerkgelden verdachte oud-deken.

Vertrouwen
Nadat de affaire in de media was gekomen, kwam Haffmans naar eigen zeggen de deur niet meer uit, bang voor de hoon van het volk. ?Ik ben de zondebok. De dekens zijn ingelicht, de priesterraad. Ze willen me als priester excommuniceren, maar dat schijnt niet te kunnen. Ze hebben me nu al plat gekregen, niet alleen het bisdom maar ook de volksmond. Het is zo erg dat ik het zelf nog ga geloven. Om het vertrouwen van de mensen in de kerk terug te winnen, moest ik geofferd worden.?

Armen
Haffmans erkent in het gesprek met het Limburgs Dagblad dat hij zich een ?substantieel bedrag? heeft toegeëigend. Maar hij keert zich tegen het beeld dat hij dat van de armen zou hebben gestolen. Dat het voornaamste fonds waar hij over beschikte de naam ?armbestuur? droeg, wekt volgens de oud-deken een verkeerde suggestie. ?Het is een rijkeluisfonds dat ooit aan mij is overgedragen.? Het geld zou ooit door rijke mensen zijn geschonken om goed te doen voor de ouderen in Gulpen.

Toelage
In Haffmans? eerste jaren in Gulpen kreeg hij van penningmeester Knippenberg van het Gulpense kerkbestuur een maandelijkse toelage van 5000 gulden. Hij sluit niet uit dat die uit de fondsen kwam. ?Meer dekens kregen een toelage, dat was niet ongebruikelijk toen.?

Dacht dat het zo hoorde
Kort voor de dood van Knippenberg in 1988 kreeg de deken volledige zeggenschap over het geld. Maar hij ontkent het vermogen ?verduisterd? te hebben. ?Ik heb het gekregen om er zelf een bestemming aan te mogen geven.? Haffmans en Knippenberg gingen samen naar de bank. ?Het werd mijn geld, onder de paraplu van de kerk. Veel geld. Ik vond het te gek om naar het bisdom te gaan en te zeggen: hé, die Knip heeft geld. Ik was dan op de eerste plaats mijn geld kwijt. Bovendien dacht ik dat het zo hoorde. En het was mooi meegenomen.?

Uit de hand gelopen
De eerste zeven jaar zou de deken niet veel geld uit het fonds hebben gehaald. Hij zou het niet alleen voor zichzelf hebben gebruikt, maar er ook rekeningen van de parochie mee hebben betaald. Ook kwam hij naar eigen zeggen zijn vriend en pastoor te Maastricht Gerard Hover financieel tegemoet. Het vermogen groeide ondertussen flink door hoge rente. Pas vanaf het moment dat hij in 1995 een vaste relatie kreeg met de vrouw die hem later zou aangeven zou het ?uit de hand? zijn gelopen.

Schuldbekentenis
Vlak voor zijn ontslag in juli 2006 maakte Haffmans 103.000 euro over aan het kerkbestuur. Dat werd gezien als een schuldbekentenis. ?Maar ik heb dat overgemaakt na een gesprek met de bisschop. Dit stond nog op rekening van het armbestuur. Ik hoefde het niet zo nodig verder in beheer te hebben. Maar dat geld komt de parochie in Gulpen toe, niet het bisdom, daarom heb ik het ook op rekening van het kerkbestuur gezet.?

Kritiek
Haffmans zegt in het gesprek dat hij het bisdom niet wil beschadigen. Maar hij spreekt wel kritisch over bisschop Wiertz. Hij vindt hem een ?man die geen problemen oplost? en die zaken op anderen afschuift.

Van zijn stoel gevallen
De deken had al in 1999 een lang, vertrouwelijk gesprek met bisschop Wiertz, nadat een vrouw beschuldigingen had geuit over geld en relaties. De bisschop zou toen niet hebben gevraagd naar de omvang van het vermogen. ?Als ik dat gezegd had, was hij wel van zijn stoel gevallen.? De econoom van het bisdom vroeg nog wel om opheldering, maar Haffmans weigerde medewerking. ?Daarna heb ik er niets meer van gehoord. Ik denk dat de bisschop geen problemen wilde, die heeft gedacht dat loopt met een sisser af.?

Geld houden
Haffmans stuurde kort daarna toch een brief aan Wiertz op advies van zijn advocaat Max Moszkowicz. ?Het was geen aanbod. Het was een manier om te proberen het geld toch te houden.? Want, zo hield Moszkowicz hem voor, als de bisschop na vijf jaar nog niets van zich heeft laten horen, kun je het geld houden.

Hand boven het hoofd
Op 7 juli 2006 kwam de affaire door publicaties in Dagblad De Limburger en het Limburgs Dagblad in de media. Volgens Haffmans is zijn advocaat dezelfde dag nog naar het bisdom gegaan. ?We wilden alle geld dat ik nog had, overdragen aan het bisdom. Die zeiden toen dat dat niet meer kon. Ze hadden al zoveel schade geleden, dat ze op geen enkele manier de indruk wilden wekken mij de hand boven het hoofd te houden.?

Celibaat
In het gesprek gaat de oud-deken ook in op de verhalen dat hij relaties met meerdere vrouwen zou hebben gehad. ?Ik heb altijd geprobeerd celibatair te leven, maar ik ben ook zwak geweest. De laatste tijd lukt het me, gezien de omstandigheden, steeds beter celibatair te leven. Je kunt beter met mannen omgaan. Dan kun je de herenliefde bedrijven, wat de meeste priesters ook doen.? Hij benadrukt dat hij zwaar gelovig is en ook voorstander van het celibaat ?hoe gek dat ook klinkt. Ik heb dingen gedaan die ik misschien uit geloofsovertuiging niet had moeten doen. De kerk is heilig, mensen niet.?

Onder ede
Het bisdom Roermond wil niet inhoudelijk reageren op de publicatie, omdat er rond de zaak nog ?een zweem van juridische aspecten hangt?. De ex-vriendin van Haffmans kondigde vorige maand aan dat zij bisschop Wiertz en hulpbisschop Everard de Jong door de rechter onder ede wil laten horen over hun rol in de affaire Haffmans.