Rouvoet trekt subsidie Youth for Christ niet in
Hilversum (Van onze redactie) 19 juni 2007 - Minister Rouvoet voor Jeugd en Gezin komt niet terug op zijn besluit om de christelijke jongerenorganisatie Youth for Christ 300.000 euro subsidie te geven. Dat antwoordt de bewindsman op schriftelijke vragen van D66-fractievoorzitter Pechtold, zo meldt Reformatorisch Dagblad vandaag.
Religieuze neutraliteit
Pechtold vreest dat de ?religieuze neutraliteit? van de overheid in gevaar komt als een christelijke jongerenorganisatie rijkssubsidie krijgt. Rouvoet schrijft dat het beginsel van scheiding tussen kerk en staat niet inhoudt dat de overheid geen maatschappelijke activiteiten van christelijke organisaties mag steunen. De overheid moet er wel voor zorgen dat ze de verschillende godsdienstige en levensbeschouwelijke stromingen gelijk berechtigt.
Vrijwilligerswerk
Youth for Christ krijgt het geld om het vrijwilligerswerk onder jongeren te bevorderen. In het seizoen 2007-2008 krijgen 23 projecten geld van de overheid voor dit doel. Vier daarvan zijn afkomstig van levensbeschouwelijke organisaties, schrijft Reformatorisch Dagblad
Vertrouwd met Jezus Christus
Youth for Christ (YfC) heeft als doelstelling jongeren bekend en vertrouwd maken met Jezus Christus en hen te helpen leven naar zijn bedoelingen. YfC is een organisatie die 110 landen actief is. In Nederland heeft de organisatie 120 medewerkers. Pechtold vroeg Rouvoet hoe de subsidieverstrekking aan een dergelijke organisatie zich verhoudt met de scheiding tussen kerk en staat.
Geloofsverkondiging
Volgens Rouvoet zijn bij de subsidieaanvraag ?geen vragen gesteld over geloofsverkondiging als zodanig, omdat dit voor het overheidsbeleid niet relevant is?. Van belang voor de toekenning was dat het maatschappelijk doel waar de subsidie voor verleend werd, het vergroten van het aantal jeugdige vrijwilligers, past volgens Rouvoet in het overheidsbeleid.
Waardenneutraal
Rouvoet deelt niet de mening van Pechtold dat de overheid ?religieus indifferent? moet zijn. In een pluriforme, democratische rechtsstaat beweegt een overheid zich binnen politieke kaders die een afspiegeling vormen van culturele, maatschappelijke en levensbeschouwelijke waarden, stelt Rouvoet. Daarom kan een overheid volgens hem in haar opvattingen over wat ?goed beleid? is in de praktijk nooit waardenneutraal zijn, "laat staan dat zij onverschillig (de letterlijke betekenis van ?indifferent?) mag zijn".
Godsdienstvrijheid
Volgens Rouvoet is het zelfs onmogelijk dat een overheid 'religieus indifferent' is. ?Voor zover met de term ?religieus indifferent? bedoeld wordt dat er sprake dient te zijn van levensbeschouwelijke of politieke neutraliteit in opvattingen, acht ik dit theoretisch uitgesloten.?, schrijft Rouvoet. Hij benadrukt dat de overheid de plicht heeft de rechten van al haar burgers gelijkelijk en de godsdienstvrijheid te beschermen. ?De staat is dus in die zin godsdienstig-levensbeschouwelijk neutraal, dat zij verplicht is verschillende godsdienstige en levensbeschouwelijke stromingen gelijk te berechtigen.?


