Kasper: Willebrands gaf als herder zijn leven voor zijn schapen
Hilversum (van onze redactie) 8 augustus 2006 - ?Geroepen door de Goede Herder en in zijn voetstappen, heeft kardinaal Willebrands de Kerk van Jezus Christus gediend. Hij hoedde over de
kudde van de Heer, kende iedereen bij naam en zorgde voor de mensen met wie hij in contact kwam, hij leidde hen met wijsheid en naastenliefde.? Dat zei kardinaal Walter Kasper, de
huidige president van de Pauselijke Raad ter Bevordering van de Eenheid van de Christenen, vandaag in zijn homilie tijdens de uitvaart van kardinaal Willebrands. Kasper: "De herder
van het Evangelie wordt goed genoemd omdat hij zijn leven heeft gegeven voor zijn schapen."
Één kudde, één herder
Kasper bracht tijdens de homilie, gebaseerd op lezingen uit de Efeze-brief van Paulus en uit het Johannes-evangelie, in herinnering dat Willebrands zowel bij zijn bisschopswijding in 1964 als
bij zijn zilveren bisschopsjubileum in 1989 op het bidprentje een afbeelding van de Goede Herder liet zetten. Aan die afbeelding voegde Willebrands als motto toe: Fient unis grex unus
pastor, "en het zal worden één kudde, één herder? (Joh 10, 16). Kasper: ?Vrijwel zijn gehele leven stond in het teken van streven naar christelijke eenheid en daarmee
heeft hij er ook aan gewerkt dat er één kudde zou zijn, één herder.
Combinatie
Willebrands combineerde volgens Kasper, mede door zijn Nederlands-katholieke opvoeding, diep geloof en pragmatisch realisme, intellectuele capaciteiten en pastorale zorg, verbondenheid met de
lokale en de universele kerk, trouw aan traditie en openheid voor nieuwe inzichten en benaderingen.
Stichting door eenheid
Tijdens Willebrands werkzaamheden voor de Pauselijke Raad voor de Bevorderingen van de Eenheid van de Christenen was het volgens Kasper, vooral zijn persoonlijke voorbeeld en getuigenis
die het verschil maakten. ?Volledig overtuigd dat ?al wat de genade van de Heilige Geest in onze gescheiden broeders tot stand brengt ook kan bijdragen tot stichting van onszelf?
(Vaticanum_II: Unitatis redintegratio, 4) ging hij de ontmoeting aan met andere christenen als broeders en zusters in Jezus Christus."
Liefhebbend aartsbisschop
Kardinaal Kasper haalde Willebrands motto als bisschop aan: Veritatem facientem in Caritate, ?getuigenis en uitleg geven van de waarheid van het evangelie langs de weg van
vriendschap en liefde?. Van daaruit probeerde Willebrands ook als aartsbisschop van Utrecht naar het voorbeeld van de Goede Herder een dienaar van de gemeenschap te zijn. Hij ?zocht naar
passende wegen om de uitdagingen van de moderne samenleving tegemoet te treden?. De aartsbisschop deed dat volgens Kasper ?in een geest van wederzijds begrip en gedeeld
geloofsengagement.?
Nieuwe benadering van Jodendom
Kasper memoreerde tijdens zijn homilie ook Willebrands inspanningen voor de godsdienstige relaties met de Joodse gemeenschap. Als eerste president van de nieuw opgerichte Commissie voor de
Religieuze betrekkingen met de Joden "legde hij zich toe op de bevordering van een nieuwe benadering van het Jodendom, gebaseerd op de diepe relatie tussen christenen en Joden als lidmaten van
het Volk van God."
Franciscanessen en familie
Kasper sprak zijn dankbaarheid uit jegens de Franciscanessen van Denekamp, die Willebrands tot het laatst liefdevol verzorgd hebben. Ook de aanwezige familieleden en vrienden van de
overleden kardinaal werden door Kasper apart genoemd.
Dank aan God
De Duitse kardinaal richtte tot slot een dankbaar gebed tot God, "omdat Hij in kardinaal Willebrands zo?n uitzonderlijke herder in de Kerk van Christus heeft gegeven". In de verwachting dat
Willebrands nu eeuwig geluk en de volheid van het leven in het huis van de Heer zal vinden, maakte Kasper de aanwezigen tot slot deelgenoot van de stille verwachting van de Psalmist: ?De Heer
is mij herder, niets kom ik tekort; Hij laat mij weiden op groene velden, hij brengt mij aan water waar ik kan rusten, Hij geeft mij weer frisse moed? Het huis van de Heer zxal mijn woning
zijn, voor alle komende tijden?(Psalm 23, 1-2 en 6).


