In memoriam Gerard Reve, schrijver en katholiek

Gerard Reve is zaterdagavond 8 april 2006 overleden in een verzorgingstehuis te Zulte, België. De vriend van de schrijver, Joop Schafthuizen, maakte dat zondagochtend 9 april bekend. Reve is 82 jaar geworden.

De Avonden
Gerard (Kornelis Franciscus van het) Reve werd op 14 december 1923 geboren te Amsterdam, als zoon van een communistische journalist die hem opvoedde in een antigodsdienstige geest. Al vroeg werd duidelijk dat Reve schrijver wilde worden. Zo gaf hij op 17-jarige leeftijd in eigen beheer de dichtbundel Terugkeer uit. Na de oorlog verscheen, in 1947, zijn romandebuut: De avonden. Het boek, door voor- en tegenstanders als typerend voor het vermeende 'nihilisme' van de naoorlogse jeugd opgevat, maakte hem op slag beroemd.

Een homoseksueel laat zich dopen
Een jaar na zijn romandebuut trad Reve in het huwelijk met de dichteres Hanny Michaelis. Het huwelijk zou standhouden tot 1959. In de tussentijd ontdekte Reve de herenliefde. In 1966 liet Reve zich dopen in de Katholieke Kerk, wat bij velen opzien baarde. In een tijd dat het katholicisme in Nederland op zijn retour was, shockeerde Reve de culturele elite door lid te worden van een instituut dat een strenge seksuele moraal voorstaat.


Reve in zijn keuken in Machelen, 1996 (foto: Gerard Klaasen, RKK)

Oprecht geloof?
Velen hebben het moeilijk gevonden om te geloven dat Reve's bekering tot het katholieke geloof oprecht was, juist omdat de opvatting van de Kerk over homoseksualiteit in zo'n scherp contrast staat met de door de schrijver zo nadrukkelijk gevierde herenliefde. Toch waren er ook altijd publicisten die niet twijfelden aan de oprechtheid van Reve's geloofsleven. De ongeschoeide karmeliet Frans Vervooren bijvoorbeeld schaarde in de studie Eigenlijk geloof ik niets (Nijmegen 1990) Reve zonder omwegen onder de groten der mystiek, naast Sint Johannes van het Kruis en Sint Theresia van Avila. Een beetje anders was Reve wel, erkende pater Vervooren: Reve's "verrijking van de christelijk-mystieke traditie" was de homosekuele eros.

Ironie
Ook de priester en kunsthistoricus Antoine Bodar is steeds overtuigd geweest van Reve's geloof. Bij gelegenheid van de 80ste verjaardag van de schrijver zei Bodar tegenover katholieknederland.nl: "Zoals hij schrijft, zo is hij ook echt. Natuurlijk is het een rare snijboon en is hij ironisch, maar ironie is een serieuze zaak".

Onsmakelijk en banaal
Vier jaar vóór zijn doop zei Reve over zijn ontluikende godsdienstigheid: "Ja, ik geloof namelijk - en dat klinkt onsmakelijk en banaal - dat je niet kunt leven en werken zonder geloof. En met geloof bedoel ik niet iets leerstelligs of gezag aannemen. Ik voel heel veel voor het katholieke geloof (..). Van alle vormen van beleving van christelijke openbaring vind ik het katholicisme wel de volledigste, die mij het diepst raakt. Omdat het de diepste, grootste, hoogste mystiek en de allerkinderachtigste nuchterheid aan elkaar paart" (Haagse Post, 21/4/62) Niet dat Reve afkerig was van de katholieke dogma's: "Je kunt zeggen dat de dogma's van de katholieke kerk niets meer, maar ook niets minder zijn dan een aantal onontbeerlijke formuleringen, symbolen van religieuze bewustwording, zonder welke geen volledig religieus leven mogelijk is. Zonder welke men, zoals dat heet niet zalig kan worden. Die dingen zijn bijna ongrijpbaar geformuleerd. Ze liggen op de grens van verstand en wartaal. Het zijn religieuze waarheden, meer kun je er niet van zeggen" (Haagse Post, 21/4/62).

Godslasteringen
Hoezeer Reve ook in interviews, televisieoptredens en romans het rooms-katholieke geloof verdedigde, het neemt niet weg dat velen hem hebben beschouwd als een bedreiging voor de Kerk. Een woord dat bij gelovige Reve-haters vaak klonk, was 'blasfemie'. Dat is niet onbegrijpelijk, als een greep uit zijn godslasteringen wordt gedaan; zo schreef Reve onder meer: "God is een Ezel"; "Maria is de Vierde Persoon van God"; "Jezus en Satan zijn Tweeling"; "God is van geilheid door het dolle heen"; "God trok zich af terwijl hij dacht aan mij".


Reve aan zijn keukentafel in Machelen met RKK-verslaggever Gerard Klaasen, die hem in 1996 interviewde voor het programma Kruispunt Radio.

Ezelsproces
In zijn boek Nader tot U (1966) publiceerde Reve het gedicht Paradijs: "Ik was een heel erg grote beer die toch heel lief was. God was een Ezel en hield veel van mij. En iedereen was erg gelukkig." Het Tweede-Kamerlid Van Dis (SGP) was zo geschokt door deze regels dat hij Reve voor de rechter daagde en hem beschuldigde van godslastering. In het zogenoemde Ezelsproces werd Reve tweemaal vrijgesproken. In hoger beroep verklaarde de Hoge Raad op 2 april 1968 de aanklacht "niet ontvankelijk".

Dankmis verboden
Het kon Reve niet veel schelen wat de mensen van zijn geloof dachten. Het enige wat hij wilde was in het openbaar spreken over zijn liefde tot God, Christus en Maria. Bij zijn 50ste verjaardag en zijn 25-jarig schrijverschap wilde hij een dankmis in de Haagse Teresia van Avilakerk laten opdragen. De toenmalige bisschop van Rotterdam, Ad Simonis, stak daar een stokje voor, beducht voor een schandaal.  Reve reageerde tegenover NRC Handelsblad (15/12/73) onder meer als volgt: "De H. Mis van Dankzegging is verboden omdat er tijdens Christus Zijn Aanwezigheid zich herrie zou kunnen voordoen. Ik geloof niet dat Christus de laffe kwezel is voor wie bisschop Simonis hem houdt."

Troosteres der Bedroefden
In zijn boek Het Lieve Leven (1974) legt Reve uit wat hij zag als de zin van zijn gelovige overgave. Het ging hem, zo blijkt uit de tekst, er niet zozeer om God naar waarheid te loven als wel om van zijn depressie en wat andere problemen af te komen. Zo schrijft hij dat Maria hem troost en zijn angst voor de dood wegneemt: "O.L. Vrouw ter Nood in Heiloo, die heeft mij uit de drank gehaald, & O.L. Vrouw uit de Melancholie. & O.L. Vrouw van Lourdes heeft mij genezen van mijn angst voor het leven. Ik ben nergens meer bang voor, & dat is ook wat waard."

'Geloof afzweren'
In 1975 bereikte de reviaanse ironie een dieptepunt. De schrijver kondigde op 14 mei van dat jaar aan dat hij een paar dagen later tijdens een Vlaams poëziefestival, in gedichten zou pleiten voor het "uitdrijven van de zwarten uit Nederland. En dit geheel ingegeven door vaderlandsliefde". Ook zou hij zijn relatie met de RK-Kerk verbreken en zijn Roomse geloof afzweren. Uiteindelijk bleek het om een farce te gaan. God en Maria bleven in zijn werken een grote rol spelen.

Moeder en Zoon
In 1980 verscheen Moeder en Zoon. In dit boek beschrijft Reve zijn weg naar het doopsel. Zijn bekering plaatst hij in de context van zijn marxistische jeugd en zijn natuurlijke neigingen. Zijn verlangen naar de Dood, zo schrijft hij, krijgt door Christus zin en zijn kwalen ziet hij zinvol worden door de Genade van Maria. Het enige obstakel dat hij moet overwinnen om uiteindelijk gedoopt te worden is zijn afkeer van katholieken: "Katholieken zijn laffe mensen, die zich niet gauw tegen enig gezag durven verzetten, behalve als dit gezag zwak en humaan is, en een democratische tolerantie voorstaat."

Violet en Dood
In 1996 verscheen Reve's langverwachte Boek Van Violet en Dood. Ook daarin zijn de typische reviaanse thema's te vinden: God, Maria, liefde, homo-erotiek en het Vaderland. Met Reve kon men nooit weten of wat hij schreef ernst of scherts was, maar in deze roman staat tegen de gangbare opvattingen in een opvallende verdediging van de paus tijdens het nazi-tijdperk. "Ook wat Duitsland betrof zag de Kerk van Rome de klap aankomen en kwam zij in 1938 met de pauselijke encycliek Mit Brennender Sorge, die wegens de dreigende situatie niet eerst in het Latijn maar direct in het Duits verscheen, en waarin de rassentheorie en de leer van Blut Und Boden ten felste werden afgewezen en veroordeeld. Hitler liet die Duitse editie meteen in beslag nemen, en liquideerde alle katholieke uitgeverijen, verenigingen en congregaties. 'Neen, dat is niet waar!' Maar het is wèl waar, al heeft het nooit in een Nederlandse krant of een schoolboek gestaan. Het programma van Hitler was: eerst alle Joden en dan ook alle Katholieken."

Pastoor van Machelen
Reve woonde sinds 1994 in het Vlaamse dorp Machelen aan de Leie. Ooit tekende Reve een schitterende reviaanse uitspraak op uit de mond van de pastoor van Machelen. Op Reve's vraag of God bestaat, antwoordde de zielenherder namelijk: "Nee, Hij doet slechts alsof."

Alzheimer
Eind 2003 werd bekend dat Reve leed aan de ziekte van Alzheimer. Zijn levensgezel Joop Schafthuizen noemde de situatie toen 'uiterst droevig'. Reve zou zijn partner destijds niet meer hebben herkend. "Gerard weet zijn eigen naam niet meer. Ik ben al maanden afscheid van hem aan het nemen", liet Schafthuizen weten. Sinds mei 2004 was Reve permanent in een verzorgingstehuis te Zulte opgenomen. Hij overleed daar zaterdagavond 8 april om 20.45 uur.