Deel via:



Sint-Pietersbasiliek

De Sint-Pieter is het centrum van Vaticaanstad en het bekendste katholieke kerkgebouw ter wereld. Hij is immers gebouwd op het graf van de apostel Petrus aan wie deze basiliek zijn naam dankt. De kerk werd tussen 1506 en 1626 gebouwd in de buurt van het vroegere Circus van Nero in Rome, waar Petrus gekruisigd zou zijn. Even verder op was een dodenstad, waar de apostel uit Galilea uiteindelijk ook te ruste werd gelegd.

Grootste kunstenaars
De Sint-Pieter is een fascinerend gebouw, vol met geschiedenis en traditie en verrijkt met kunstwerken van de belangrijkste Italiaanse kunstenaars van de renaissance en de barok, zoals Michelangelo, Bernini en Borromini. De bouw ervan heeft lang geduurd, waardoor bijna geen enkele bouwmeester zijn werk heeft kunnen afmaken.



Graf van Petrus
De Sint-Pieter is gebouwd boven het graf van Simon Petrus, de voornaamste apostel van Jezus. Het is niet de belangrijkste kerk van Rome. Dat is de Sint-Jan-van-Lateranen, de kathedraal van de Bisschop van Rome. Tijdens het pontificaat van Pius XII (1939-1958) werd actief was gezocht naar het graf. Het Vaticaan claimt dat het ook daadwerkelijk gevonden is. Ook werden de beenderen van een man van in de 60 gevonden. Aangenomen wordt dat ze het stoffelijk overschot van Petrus betreffen. Deze liggen thans in de crypte onder het pauselijk hoofdaltaar waar ze dagelijks door pelgrims van over heel de wereld worden vereerd.

Aflaten
Belangrijke reden voor het feit dat de bouw meer dan een eeuw duurde was geldgebrek. Pausen zaten bijna altijd slecht bij kas. De noodzakelijke herbouw van de Sint-Pieter verhoogde weliswaar het prestige van het pausschap, maar maakte de schatkist leeg. Om toch aan geld te komen, werd een deel van de kosten van de herbouw gefinancierd uit de verkoop van aflaten. Voor Maarten Luther was dit de spreekwoordelijke druppel die de emmer deed overlopen. Bij een bezoek aan Rome walgde hij van het decadente gedrag dat hij daar tegen kwam.” Als er een hel bestaat, dan is Rome erop gegrondvest”, zei hij bitter.

Antieke basiliek
De huidige Sint-Pieter is de tweede basiliek die op deze plaats aan de apostel Petrus gewijd is. De eerste kerk werd in opdracht van keizer Constantijn de Grote in 324 gebouwd. Deze verkeerde rond de vijftiende eeuw echter in een zeer slechte staat. Zo bleek een groot deel van de funderingen verzakt. Paus Nicolaas V liet Bernardo Rossellino het gebouw opknappen, maar die pogingen werden als snel gestaakt. Vervolgens nam paus Julius II het kloeke besluit om de hele boel te slopen en een nieuwe basiliek op dezelfde plek te bouwen. Op 17 april 1506 daalt hij met een gevolg van kardinalen en andere prelaten af naar de uitgegraven fundamenten van de steunpilaar van Veronica om de eerste steen te leggen.


Interieur van de oude Sint-Pieter volgens een pentekening van Maarten van Heemskerck (1535)

Bramante
Julius II gaf de beroemde architect Donato Bramante de opdracht met een plan voor de herbouw te komen. Hij ontwierp een basiliek in de vorm van een Grieks kruis, dat wil zeggen vier gelijke armen, met een centrale koepel en vier kleinere koepels daarom heen. Bramante voerde de door Julius II gewenste sloop van de oude basiliek uit. Het leverde hem de bijnaam maestro rovinante ('sloopmeester') op.

Rafaël
Toen Bramante in 1514 stierf waren slechts de funderingen voor het priesterkoor gelegd. Rafaël werd benoemd tot nieuwe bouwmeester en hij besloot om alles weer te slopen. Het genie uit Urbino schrapte het ontwerp van het Griekse kruis. Hij prefereerde een Latijns kruis, waardoor het middenschip een langere lengte kreeg.

Michelangelo
Na een aantal architecten van mindere naam nam Michelangelo in 1546 pro deo het karwei over. Nullo premio, nullave mercede (zoiets als no cure no pay), schrijft paus Paulus III in de brief waarin hij de architect als bouwmeester aanstelde. Michelangelo greep terug op het ontwerp van Bramante en verstrakt, zo licht zijn biograaf Vasari trefzeker toe, de vormgeving van de Sint-Pieter, waardoor het gehele bouwwerk zou worden verhoogd. Hij liet alles wat reeds gebouwd was ontmantelen, zowel de immense buitenmuren als de versterking van de vier grote pijlers. De andere bij de herbouw betrokken bouwmeesters en ook de arbeiders namen tegenover de meester een vijandige houding aan. Zij vreesden namelijk - en niet zonder reden - een schandaal vanwege de enorme verspilling van kapitaal die al deze bouw- en sloopactiviteiten met zich mee brachten. Paulus III nam Michelangelo in bescherming en stelde zich in een door hemzelf ondertekend document vierkant achter de Florentijnse kunstenaar op, zodat deze zijn plannen alsnog kon doorvoeren.

Sixtus V
Na Michelangelo's dood in 1564 moest de wilskracht van Sixtus V eraan te pas komen om de nog steeds slepende kwestie van de koepel op te lossen. Dit werk was door Pirro Ligorio, Jacopo Barozzi en Giacomo Della Porta tot in het oneindige op de lange baan geschoven. Tijdens een bespreking op 21 januari 1587 viel echter het besluit dat de koepel, te beginnen bij de door Michelangelo onvoltooid achtergelaten tamboer, af te bouwen. Zeshonderd arbeiders werkten dag en nacht door aan de koepel, die in juni 1593 als voltooid kon worden beschouwd.

Oplevering
Het schip werd in 1615 alsnog uitgebreid door architect Carlo Maderno omdat de kerk groter moest worden dan oorspronkelijk gepland. Uiteindelijk werd de nieuwe Sint-Pieter op 18 november 1626 door paus Urbanus VIII plechtig ingewijd, ruim 120 jaar nadat met de herbouw begonnen is. De kerk was toen gereed, maar het werk is eigenlijk tot op de dag van vandaag doorgegaan. Zo werd de Sint-Pieter langzaam gevuld met grafmonumenten voor overleden pausen. Elke paus voegde op deze manier iets toe aan de fascinerende kunstwereld van de Sint-Pieter toe.


Koepel vervaardigd door Giacomo della Porta. De inscriptie luidt: S. PETRI GLORIAE SIXTVS PP. V. A. M. D. XC. PONTIF. V. ('Voor de glorie van Sint Petrus, Sixtus V, Paus, in het jaar 1590 en het vijfde jaar van zijn pontificaat')

Sacristie

Onder Alexander VII (1655-1667) en later onder Innocentius XII (1691-1700) ontstonden plannen voor de bouw van een sacristie. In 1775 werd daarvoor een prijsvraag uitgeschreven, waaraan Filippo Juvarra, Niccoló Michetti, Domenico Paradisi, Antonio Canevari en Antonio Valeri meedongen. Weliswaar won Juvarra, maar na veel bestuderen koos Pius VI (1775-1799) in april 1776 toch voor het ontwerp van Carlo Marchionni, waarvoor hij op 22 september van hetzelfde jaar de eerste steen legde. Voor het nieuwe bouwwerk (dat in 1784 klaarkwam) moesten de oude sacristie, de Porta Fabbrica en de kerk van Santo Stefano Degli Ungari afgebroken worden.

Rust
Slopen en herbouwen, het ligt in de geschiedenis van de Sint-Pieter besloten. Behalve de afgelopen 200 jaar dan. Af en toe wordt er eens een beeld bijgezet, maar voor de Sint-Pieter lijkt er eindelijk rust te zijn aangebroken.

Omvang
De Sint-Pieter was tot 1989 niet alleen de bekendste, maar ook de grootste kerk ter wereld. In dat jaar werd ze in omvang voorbij gestreefd door de basiliek Onze Lieve Vrouwe van de Vrede  in Yamoussoukro, de hoofdstad van Ivoorkust.


Urbanus VIII wijdt in 1626 de Sint-Pieter in (17e-eeuws gobelin in Vaticaanse Musea)