Deel via:



Consecratie

De consecratie is de mysterieuze gebeurtenis in de eucharistie waardoor brood en wijn worden veranderd in het Lichaam en Bloed van Jezus Christus.

Heiligen
?Consecratie? komt van de Latijnse woorden com (?samen?) en sacrum (?heilig). Het Latijnse woord consecrare betekende oorspronkelijk ?heiligen? of ?wijden?. Daaruit vormden zich twee Nederlandse woorden: consacreren en consecreren. Het eerste betekent het wijden van een persoon of een ding, bijvoorbeeld een geestelijke of een kerkgebouw. Consecreren slaat op de bijzondere heiliging van brood en wijn in de Eucharistie.

Consecratie
Dit fragment bevat de consecratie in de pausmis van zondag 21 augustus 2005 op het Marienfeld tijdens de Wereldjongerendagen in Keulen. In deze plechtigheid spreken paus Benedictus XVI en de andere celebranten het eucharistisch gebed in het Duits uit.
RKK TV
Duur: 00:01:30 ©RKK

Instellingswoorden
Het liturgische begrip consecratie wordt gereserveerd voor het kernonderdeel van het Eucharistisch Gebed (canon) in de westerse traditie: het zogeheten Instellingsverhaal met de Instellingswoorden. Dat zijn de woorden die Jezus uitsprak tijdens het Laatste Avondmaal. Gestileerd voor de canon klinken ze zo: Neemt en eet hiervan gij allen, want dit is mijn Lichaam dat voor u gegeven is; neemt en drinkt hier allen uit, want dit is de beker van het nieuwe, altijddurende Verbond, dit is mijn Bloed dat voor u en alle mensen wordt vergoten tot vergeving van de zonden. Blijft dit doen om Mij te gedenken.


Benedictus XVI tijdens de consecratie in zijn inauguratiemis op 24 april 2005 (foto: RKK)

Herinnering aan Jezus
In het Eucharistisch Gebed richt de priester zich tot God de Vader en brengt hij Diens Zoon Jezus in herinnering. Hij herinnert God er als het ware aan dat Jezus voor zijn lijden en dood een afscheidsmaal met zijn leerlingen hield. In de context van die ?herinnering? spreekt de priester de instellingswoorden uit. Het is de traditionele opvatting dat deze woorden de verandering van brood en wijn in het Lichaam en Bloed van Christus bewerkstelligen.

Hele canon is consecratorisch
Over het algemeen wordt onder theologen en liturgiewetenschappers aangenomen dat het hele Eucharistische Gebed over ?consecratorische kracht? beschikt. Daarmee bedoelen ze dat niet alleen de instellingswoorden, maar het hele tafelgebed de aanwezigheid van Christus onder sacramentele gedaanten oproept. De consecratie als liturgisch moment is dan het hoogtepunt van één groot consecratorisch gebed. Van groot belang daarbij is de zogeheten Epiclese, het smeekgebed tot de Heilige Geest, gebeden vlak voor het instellingsverhaal. De Heilige Geest is immers het onderwerp van consecratie: Hij is de consecrator van de eucharistische gaven.


Bisschop-coadjutor Hans van de Hende van Breda toont de geconsacreerde wijn tijdens zijn wijdingsmis op 25 november 2006 (foto: katholieknederland.nl).

Knielen
In het Romeins Missaal staat dat de gelovigen tijdens de consecratie dienen te knielen. Van oorsprong is de knielhouding een uitdrukking van boete, maar hier wijst het op aanbidding. Op het hoogtepunt van de consecratie aanbidt de gelovige God die door Christus op sacramentele wijze onder de mensen komt.

Concelebratie
De priester die in de mis voorgaat, toont na de consecratie achtereenvolgens de Hostie en de Beker aan de gelovigen en maakt vervolgens een kniebuiging. Bij een concelebratie, dus als er meerdere priesters voorgaan, spreekt de hoofdcelebrant de consecratiewoorden hoorbaar uit; de concelebranten doen dat op gedempte toon terwijl ze met de rechterhand wijzen naar de hostie en de kelk.


Aanbidding van het H. Bloed tijdens Paaswake 2007 in Krijtberg, Amsterdam (foto: katholieknederland.nl)